Reacties

Publicaties over de periode 1945-1947 in het toenmalige Nederlands-Indië maken vaak veel tongen los. Of het nu gaat om gebeurtenissen tijdens de zgn. Politionele Acties, excessen zoals gemeld in de kwestie Rawagedeh of nu met de publicatie van gedetailleerde gegevens en verhalen over de bersiap-(massa)moorden, velen hebben de behoefte hierop te reageren.

Op deze pagina wordt u daartoe in de gelegenheid gesteld.

Spelregels *:

  • Geen anonieme bijdragen
  • Geen scheld-of schuttingwoorden
  • Geen lasterlijk uitlatingen

* De redactie van deze website behoudt zich het recht voor bijdragen te weigeren of te verwijderen als deze niet aan de spelregels voldoen.

Reacties

 

1 2  
P van Geldere06-02-2017 om 12:21
Bersiap. Mijn moeder en ik waren net terug in Bandung uit Semarang komend.Mijn broer lag in het ziekenhuis en mankeerde van alles. Mijn moeder ging naar de pasar en dan terug in het kamp hoorde zij dat het vlees dat zij had gekocht wel eens van geslachte mensen kon zijn.Een aanwezig Amerikaanse arts vond dat het vlees te licht van kleur was in vergelijking met een varken of koe.Hij heeft het laten keuren en zijn conclusie was juist.Maar wij hadden er al van gegeten.
Nathalie van Kooten15-12-2016 om 22:11
Geachte mevrouw Van der Molen,allen,

Ik ben een nazaat van enerzijds familie uit de kolonisatieperiode, anderzijds een nazaat uit de dekolonisatieperiode. De geschiedenis van Nederlands - Indië intrigeert mij mateloos. Rijsttafels vind ik heerlijk en spekkoek bakken kan ik volgens de kenners als de beste.
Al enkele jaren ben ik op gezette tijden bezig met het uitpluizen van het wel en wee uit de familie. Degene uit het hoogtepunt van de kolonisatieperiode was een behoorlijke 'pief' en zal vast en zeker vanuit hedendaags oogpunt niet heel nette bevelen hebben uitgedeeld. Van mijn opa die inderdaad vanuit vaderlandsliefde naar Indië vertrok om deel te nemen aan de Politionele Acties, weet ik weinig. Ik was pas 3 toen hij overleed. Als gevolg van... zeer waarschijnlijk. Mijn moeder heeft enkele verhalen verteld die mijn opa op zijn beurt haar weer had verteld; te gruwelijk voor woorden... Ook zij is niet oud geworden, ook waarschijnlijk als gevolg van...
Ik ben het met u en allen eens dat een onderzoek naar het dekolonisatieverleden noodzakelijk is, maar dat dit onderzoek te eenzijdig belicht zal gaan worden. Een geschiendenis dient altijd onderzocht te worden vanuit het oogpunt uit die periode. Standplaatsgebondenheid heet dat. Als historicus proef ik een bepaalde bijsmaak als ik de kranten er op na lees. Ik ben van mening dat dit onterecht is, zeker als ik bv de reacties hier lees en hoor wat deze jongens hebben meegemaakt. Of juist niet, omdat er een stilzwijgen is. Daarnaast ben ik ook van mening dat die ándere zijde zeer zeker ook belicht dient te worden. De Bersiap - periode die bij zovele mensen onbekend is; schijnbaar 'onder het tapijt' geveegd als 'niet ter zake doende'. Zo pijnlijk en zo onterecht in mijn ogen...
Ik ben pas 42 jaar, maar weet wat een invloed de gebeurtenissen uit eind jaren '40 voor een familie kunnen betekenen. Mijn doel is dan ook om de P.A., maar zeer zeker ook de Bersiap, kenbaar te maken bij het publiek. Al is dit publiek vooralsnog erg jong: zo'n 16 - 17 jaar. Deze site gebruik ik daarbij als belangrijke bron. En telkens weer, elk jaar, zie ik blikken van ongeloofwaardigheid in de ogen van mijn leerlingen. 'Dus dat heeft zich óók afgespeeld?'. Het is belangrijk dat een breder publiek weet gaat krijgen van die ándere zijde van de dekolonisatie. Nee, zeker niet alleen van onze jongens... Ook die anderen. Ik hoop dat de onderzoekers zich een objectief beeld gaan vormen van dit stuk uit de geschiedenis. Ik twijfel er een beetje aan...
Mijn eigen bijdrage tot op heden is wellicht klein, maar ik draag er wel zorg voor dat die kleine groep die ik elk jaar voor mijn neus heb in ieder geval enige weet heeft van wat er gebeurd is. Een opstapje voor wellicht iets groters, want ja ik zou graag mee willen werken om die andere kant ook belicht te krijgen. Controversieel misschien, maar het is het wel enorm waard om te doen. Tenslotte,zoals ik al eens zei tegen een collega wiens opa ook bij de Tijgerbrigade had gediend, "je zou eigenlijk rehabilitatie moeten gaan vragen voor deze jongens en die andere kant moeten ze ook eens weten".
Ik hoop dat ik met deze reactie enkelen van u een beetje steun heb kunnen geven. Ik doe mijn best om een klein publiek op de hoogte te brengen van dit stuk van onze geschiedenis, maar een groter publiek is wat mij betreft misschien nog beter.
Op de vraag die ik elk jaar voorgelegd krijg "schaamt u zich niet voor uw familieverleden?", antwoord ik steevast "Nee".

Hartelijke groeten,
Nathalie
A.W. de Vries Boekholt11-12-2016 om 11:29
Geachte mevrouw Van der Molen,

Uw artikel in De Telegraaf van 2 december j.l. heeft mij en mijn dochter erg getroffen. Het is namelijk identiek aan ons verhaal. Ook mijn man is in de zomer van 1945 naar Indië vertrokken met dezelfde intentie als Uw vader.
Hij is min of meer gedesillusioneerd terug gekomen maar heeft gelukkig de draad weer kunnen oppakken.
Goed dat De Telegraaf het artikel heeft geplaatst.

Vriendelijke groet
A.W. de Vries Boekholt
Tea van den Hazel11-12-2016 om 11:05
Geachte mevrouw van der Molen,

N.a.v. het Telegraaf artikel en dat van u in de krant van 2 december j.l. wil ik graag even reageren.

Ik wil u namelijk laten weten dat ik het geheel met u eens ben.
Wij hebben als Holland een lange koloniale geschiedenis te vertellen waar wij inderdaad ook dingen hebben gedaan waar we niet trots op hoeven te zijn.

Maar aan de andere kant vraag ik me ook wel eens af: hoever zouden die landen, onze vroegere koloniën, zonder de kolonisatie nu, heden ten dage geweest zijn?
Ik hoop dat u begrijpt wat ik bedoel..... Om het even te chargeren: zouden ze nu nog in het stenen tijdperk hebben geleefd, of zouden ze zichzelf zo ontwikkeld hebben dat ze nu zijn waar ze zijn? Of: heeft de kolonisatie toch ook niet een beetje geholpen dát ze nu zijn waar ze zijn: onafhankelijke zelfbestuurde naties.
( waar naar mijn idee overigens óók nog wel eens wat op aan te merken is soms)

Verder over uw reactie: ik stoor mij ook al jaren aan al die eenzijdigheid in de weergave van de realiteit. Het is inderdaad die linkse zogenaamd politiek correcte 'kliek' die Nederland in alles maar dan ook alles naar beneden haalt ( laten we Zwarte Piet maar even vergeten!).
Wat willen ze hier in hemelsnaam mee bereiken ??...het lijkt wel een soort van verplichte eeuwige boetedoening.
Hoe diep en vooral hoelang moeten we door dat stof van schaamte kruipen.??
En niet te vergeten: dat we er maar goed van doordrongen worden dat wij Hollanders in wezen slechts minderwaardige, diepgewortelde ras-racisten zijn, die voor de rest van het wereldse bestaan daarvoor afgestraft dienen te worden: Nederland moet en zal er een eeuwigdurend minderwaardigheidscomplex en schaamtegevoel aan over houden !!!!

Ook aan het Indië verhaal zitten uiteraard meerdere kanten, zoals uzelf aanhaalt....maar nee, daar sluiten de linkse denkers de ogen voor en kastijden zichzelf en mij/ons tot in lengte van dagen met halve waarheden..... De andere helft willen ze namelijk niet zien: dat we misschien ook nog wel iets goed gedaan hebben in die landen en dat die landen zelf ook niet altijd even correct hebben gehandeld....maar dat laatste verzwijgen sommigen onder ons maar liever.
Wij (Nederland ) zijn per definitie slecht en zij zijn goed.....in hun ogen.

En dan hebben we in Nederland ook nog een advocate die daarmee een gat in de markt heeft gevonden waar zij uiteraard vast zelf óók wel bij vaart. Zij weet allerlei 'zielige mensen' (ook verre nabestaanden die dergelijke situaties niet eens hebben meegemaakt) voor de rechter te brengen en dat eindigt dan uiteraard altijd weer in aardige financiële schadeclaims.!!!!
Ik vraagt mij dan toch altijd wel af: gaat het hier écht om erkenning of draait het voornamelijk om het aardige geldbedrag dat hen dat vaak op kan leveren?......kunnen die mensen in Indonesië daar voor de rest van hun leven leuk van rondkomen???

Een tante van mij heeft 13 jaar in Nieuw Guinea gewerkt als operatie assistente / verpleegster.
Zij ( en al haar Nederlandse collega's uiteraard) werd daar in 1963 echt weggejaagd door de Indonesiers.... en zij werkte daar toen in de laatste maanden ook nog met gevaar voor eigen leven....moest terug naar Nederland ....waar ze veel verdriet van had want ze hield van het werk maar zeker ook van de mensen daar......
maar steun en begrip van de Nederlandse overheid???.... Niets!!

Ondertussen trekt de hele wereld zich niets aan van de mensen in Nieuw Guinea die helemaal niet wilden dat Nederland moest vertrekken en dat ze nu ongewild overgeleverd zijn aan hun 'bezetter': Indonesië (dit lijkt toch sterk op het " pot verwijt de ketel verhaal").

Ook dát 'verhaal' van Nieuw Guinea mag wel eens goed doorgelicht worden als het om Indonesië gaat.

Ik hoop wel van ganser harte dat dit nieuwe onderzoek gedaan zal worden door mensen die uiteindelijk onbevooroordeeld en met een open 'mind' het ware verhaal kunnen vertellen.
Ik heb er echter eerlijk gezegd zo mijn twijfels over!!!.....
Ik ben bang dat ook dit weer een eindeloze litanie van verwijten aan Nederland zal worden.
Er zijn hier in Nederland blijkbaar mensen die gewoon niet kunnen leven zonder ' zelf verachting' en een 'slecht, minderwaardig zelfbeeld'..... En dat moet vooral de rest van de Nederlanders ook opgedrongen worden.

Mogelijk zal blijken dat ook Indonesië niet zo onschuldig is als men ons dat wil doen geloven... Het is natuurlijk niet voor niets dat Indonesië niet zo gretig ingaat op de verzoeken van medewerking van hun kant. .... Zouden ze soms iets te verbergen hebben?
Ook daar blijf ik vraagtekens bij zetten.

U heeft volkomen gelijk: "Het Beeld is te Eenzijdig".

Gaat u zelf hier nog iets tegen doen?..... Wordt u bijvoorbeeld niet uitgenodigd bij VARA praatprogramma's ??? ..... of druist uw denken weer geheel in tegen dit deel van de maatschappij....en dus krijgt u geen podium!?.... Zou me niets verbazen.
Maar het zou wél een goed idee zijn.....

Ik wens u veel sterkte.

Met vriendelijke groet

Tea van den Hazel
Ellen de Bats10-12-2016 om 11:46
Daders van de bersiap zijn wel degelijk veroordeeld geweest door het Nederlandse recht. Er bestaan archieven (voorzover niet in brand gestoken door de pemuda's) en ook in de oude Indische kranten (via Delpher.nl) kan men krantenberichten vinden (type in kranten + bersiap). De veroordeelden reageerden wel lakoniek voor de rechtbank door te beweren dat hun veroordeling wel spoedig teniet gedaan zou worden door het aanstaande Indonesische gezag.
Henk de Bree 227-11-2016 om 11:47
Geachte Mw. van der Molen,

Dit betekent dat we gedurende de korte periode van Nederlands terugkerend gezag geen "jacht" hebben gemaakt op de schuldigen of drong het pas te laat door wat er allemaal gebeurd was ? Ik moet zeggen, je vindt er ook weinig van terug in bijvoorbeeld boeken (ben nu toevallig het boek "Soldaat, ravijn landgenoten" aan het lezen waarbij je er niets over terug kunt vinden) en documentaires die gaan over de politionele acties.

En bij deze nogmaals mijn respect omtrent uw indrukwekkende documentaires.

Vriendelijke groet,
Henk de Bree
Pia van der Molen25-11-2016 om 13:25
Geachte heer De Bree,

Dank voor uw reactie.
U vraagt of, in de periode voor de overdracht, de daders van de gruwelijkheden tijdens de bersiap-periode, zijn opgepakt en berecht.
Wij hebben tijdens de research van deze documentaires geen aanwijzigingen gevonden dat de moordenaars van 20.000 onschuldige Nederlanders zijn ge-arresteerd en berecht. Misschien zijn daarvan in de Indonesische archieven wel bewijzen te vinden. Dat zou mooi zijn.

Met vriendelijke groet,
Pia van der Molen
Henk de Bree23-11-2016 om 18:02
Geachte Pia,

Via deze weg wil ik m'n oprechte complimenten uiten omtrent je site en de documentaires die ik over verschillende onderwerpen in het na oorlogse Indonesië heb gezien, gewoonweg indrukwekkend.

Ik heb niet alles willen lezen omtrent de gruwelijkheden die er plaats hebben gevonden net na de tweede wereldoorlog vanaf de Indonesische kant. Ik denk dat wij als Nederlanders er ook niet met een zuiver geweten op terug kunnen kijken maar wat er allemaal gebeurt is maar dit slaat werkelijk alles.

Wat ik me afvraag, in de periode voor de overdracht, zijn de daders niet opgepakt en berecht ?

Alvast bedankt en vriendelijke groet,
Henk de Bree
Vera22-08-2016 om 21:41
Mijn aangenomen opa Schoevers had altijd een lang snotdruppel aan zijn neus. Ik heb toen ik klein was nooit gevraagd waarom dat was; hij was uit ned. Indie overgekomen en miste zijn dochter. Inmiddels is hij allang gestorven. Maar hoe gaat het met zijn dochter die hij zeker erg veel miste? Het was een hele lieve opa en ik wil over hem en zijn lieve daden spreken
w.m.tomasouw24-05-2016 om 18:38
Ook ik ben niet tevreden over de Regeling Indische kwestie. Hr. van Rijn heeft zijn huiswerk niet goed gemaakt. Neem de backpay regelings voorwaarden als voorbeeld.discriminatief en in strijd met art. 1 van de Grondwet.
w.m.tomasouw24-05-2016 om 17:47
als reactie op de afgewezen backpay van E,Nobbe .
Hebt U een stamboeknr? en opnieuw Uw aanvraag indienen, via Pensioen en Uitkerings Raad (PUR)
postbus:9575, 2300 RB te Leiden
E. Nobbe11-03-2016 om 10:48
Mijn backpay is afgewezen daar ik nergens genoteerd staat in alle archieven .
In het Kort;
1940 TOT 1942 matroos bij de gouvernemenstmarine OEDJOENG te Soerabya en deed de opleiding telefonste grafiste.
In 1945 gemeld bij de marine in het Wilhelminakamp in Singapore en kreeg daar elke maand soldij.
In 1946 gemeld in Den HAAG bij de marva.

Weet u waar ik misschien nog verder kan zoeken?

met vriendelijke groet
E Nobbe geb 27-03-1923
Alfred Noorlander11-02-2016 om 16:39
Met stijgende verbazing heb ik vernomen dat de Nederlandse Regering zgn. weduwen van verzetsstrijders financieel heeft gecompenseerd.
Waar blijft de claim namens de Indische Nederlanders en Nederlanders die (vooral vrouwen en kinderen) door de Permida en Permoeda op een afschuwelijke manier zijn afgeslacht.
Een tante van mij heeft haar leven te danken aan de Jap die zich onder gedode Japanners had schuil gehouden en die de mitrailleurpost had heroverd en het kamp veilig heeft gesteld tot dat de geallieerden arriveerden.
Die Permidas en permoedas opgeleid door de Jap waren de stoottroepen van de collaborateur met de Jap, ene Soekarno.
Het wordt tijd dat de Indische gemeenschap eens de mond open doet en van Indonesië een flinke schadevergoeding eist.
Met veel sterkte groeten
Alfred Noorlander
marlies ter borg08-02-2016 om 15:08
De Bersiap door de ogen van mijn Oma Melie Neervoort-SChlahmich- oorspronkelijke brieven 25 december 1945
op www.marliesterborg.net en in het boek A Tale of Two Families in the Dutch East Indies.
Ellen de Bats02-12-2015 om 15:12
Overgenomen van Opgevangen in andijvielucht facebook.

OVER DE MISLUKTE ONLINE PETITIE BETREFFENDE DE INDONESISCHE HERSTELBETALINGEN. Sinds enkele dagen staat deze petitie over de Indonesische herstelbetalingen online: http://petities.nl/.../uitbetalen-op-basis-van-traktaat-van-w...

De petitie is een misser: het bedrag van 600 miljoen gulden plus rente was bestemd voor genationaliseerde bedrijven en al diegenen die tussen 1 december 1957 en 1 september 1962 uit Indonesie en van Nieuw-Guinea zijn gevlucht met achterlating van alle bezittingen. Het heeft dus niets met de repatriëring tussen 1946 en 1949 te maken, noch met de gedwongen vlucht van ontheemde gezinnen tussen 1950 en 1957. De tekst van de petitie klopt voor geen kant en is dus bij voorbaat gediskwalificeerd.

De stichting Task Force Indisch Rechtsherstel (www.tfir.nl) maakt deze claim te zijner tijd aanhangig. Daarvoor worden alle rechthebbenden opgeroepen. Om meerdere redenen is het een goede zaak wanneer de petitie verwijderd wordt. De Indische gemeenschap krijgt hier alleen maar last van omdat de petitie blijk geeft van een gebrek aan feitenkennis. De bekende klok en de klepel.
robert beckman lapré27-11-2015 om 17:11
"Alleen cijfers spreken de waarheid".En die cijfers gaven een "batig saldo" van meer dan 123 millioen euro aan, wat overbleef van het totale bedrag wat Indonesie overmaakte "ter compensantie van oud zeer".Aannemend dat er nog 200.000 Indische Nederlanders en "totoks"leven,dan zou er voor hen nog meer dan 600 euro p/persoon op de plank liggen.Vraag is; krijgen zij die centjes nog? Of wacht men nog een paar jaar.
robert beckman lapré17-11-2015 om 07:43
Er werd/wordt opgeroepen de petitie "tractaat van Wassenaar 1966" te tekenen.Helemaal mee eens.De,ontbeantwoorde,vraag is of deze(zoals vorige)regeringn(en) er wat mee doet.Snelle rekensom;Nederland ontving 689 miljoen guldens(= 312,654.000 euro). Met "Het Gebaar" werd 159 miljoen euro uitgekeerd.Resterend= 153,654.000 euro.Er zou (recent)aan 1110 overlevende KNIL mil.25.000 worden betaald.Wij hebben nog 125,904.000 euro TEGOED!
Felix C. Bakker05-11-2015 om 09:16
Geachte mevrouw Pia van der Molen,

Uw, met veel warmte geschreven artikel, n.a.v. het overlijden van Dr. Bussemaker, heeft mij ontroerd. Ik heb hierna niet verder op het internet gezocht naar informatie ná het overlijden van Dr. Bussemaker. Helaas heb ik hem niet persoonlijk mogen ontmoeten en slechts eenmaal vanaf een afstand gade geslagen. Hij gaf de indruk van een rustige, vriendelijke en bescheiden man.
Inderdaad zoals U het heeft beschreven, dat Nederland een grootse zoon heeft verloren. En naar mijn beschouwing en gevoel, een echte grote historicus van de Nederlands- Indische 20ste Eeuwse geschiedenis.

Ik wil nog even zeggen dat Uw documentaire "Archief van tranen" heel veel heeft losgemaakt over een periode waar weinig of niet over wordt gepraat.
Ook daarvoor mijn dank!

Felix C. Bakker.
Inez Hollander21-08-2015 om 21:30
MARC RUTTE NEGEERT NEDERLANDS-INDISCHE GEMEENSCHAP WERELDWIJD MET NIETSZEGGENDE SPEECH

Na 70 jaar van lege beloften wacht de internationale Nederlands-Indische gemeenschap op actie van de Nederlandse regering

door Inez Hollander

Duizenden Indo's die na de oorlog via Nederland naar Amerika, Australië en elders emigreerden, keken vol verwachting uit naar de speech van Premier Marc Rutte op de 70-jarige herdenking van het einde van de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indië. Dit is een belangrijk jaar en, in de context van de aanhoudende bagatellisering van Premier Shinzo Abe van Japans wreedheden tijdens de oorlog alsook de doorgevoerde geschiedeniscurriculum-hervormingen op Japanse scholen liepen de verwachtingen hoog op: met de aanwezige bewijslast van de Japanse wreedheden die in de Nederlandse archieven rust, was het belangrijk dat Nederland zich niet alleen uitsprak tegen Japans recente censuur van de oorlog in het onderwijs maar was het ook essentieel dat Nederland het lijden en de financiële verliezen van de internationale Nederlands-Indische gemeenschap en hun families volledig erkende. Een 70-jarige herdenking gebeurt immers niet elke dag en vanwege de Indische familiegeschiedenis van Marc Rutte zelf was er een sprankje hoop dat de Nederlandse regering het dit jaar anders zou aanpakken.

Die hoge verwachtingen werden snel weggenomen toen Premier Rutte een vlakke, vage en vrijblijvende speech ten gehore gaf die typerend is voor de lege beloften van de Nederlandse regering sinds 1951. In onderhandeling met de Japanse en Indonesische regeringen na de oorlog heeft de Nederlandse regering miljoenen dollars ontvangen die voor een groot deel (plus rente) niet geclaimd werden en dus in de Staatskas verdwenen.

Multatuli's woorden Er ligt een roofstaat aan de zee tussen Oostfriesland en de Schelde hebben daarbij niet aan kracht ingeboet want de Indische en Indo-gemeenschap is na de oorlog niet alleen ontheemd en onteigend maar de verschillende Nederlandse kabinetten hebben geen werk gemaakt van het oplossen van de zogenaamde 'Indische Kwestie'.

De huidige Staatssecretaris van Rijn is geen uitzondering; ook hij maakte herhaaldelijk valse beloften en hoopte misschien, samen met Premier Rutte, dat als ze maar lang genoeg wachtten dat alle slachtoffers zouden overlijden en dat onbetaalde claims (plus rente) Nederland wederom zouden verrijken zoals de oogsten uit Nederlands-Indië voor meer dan drie eeuwen de Staatskas spekten.

Namens de internationale Nederlands-Indische gemeenschap vraagt The Indo Project zich af of de volgende zin van de Premier Laat ons ervoor zorgen dat het gevoel van onbegrip en verdriet dat velen daarover hebben gehad of nog hebben, langzaam maar zeker wordt weggenomen opzettelijk was, met nadruk op het woord langzaam: om 70 jaar te wachten is inderdaad langzaam en van uitstel komt afstel: geldt dit ook voor de Indische Kwestie?

Namens de internationale Nederlands-Indische gemeenschap willen wij als The Indo Project onze extreme teleurstelling en schok uitspreken dat Premier Rutte de moed niet had om zijn excuses aan te bieden voor de belabberde behandeling van de Nederlands-Indische gemeenschap na de oorlog. We eisen en verwachten dat de Nederlandse regering het niet nogmaals laat afweten maar zich nu eindelijk eens verantwoordelijk opstelt zodat de verdere onteigening en schoffering van de internationale Nederlands-Indische gemeenschap en hun families definitief tot het verleden gaan behoren. Het oplossen van de Indische Kwestie is een topprioriteit die alleen maar urgenter en controversiëler wordt naarmate de tijd verstrijkt of, erger, geheel van de baan wordt geschoven als het laatste slachtoffer zijn laatste adem uitblaast. Van alle geallieerde landen is Nederland een van de weinige landen die veteranen en slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog in Azië op deze schunnige wijze heeft behandeld, dus we dagen Premier Rutte uit om NU ACTIE te ondernemen zodat de woorden van Multatuli uitsluitend van toepassing zijn op het cultuurstelsel van de 19e eeuw en geen typering zijn van Nederland anno 2015.
Jan.E. de Vries18-08-2015 om 11:58
Ons gezin (moeder en zeven kinderen) heeft de oorlogsjaren in een Jappenkamp doorgebracht. Ik ben van 20-7-1940 en heb er dus niet al te veel van meegekregen. Maar het laatste oorlogsjaar, het overljdensbericht van mijn vader (Pakan Baroe), de bevrijding en onze repatriëring weet ik nog alles van.
Ik word steeds erg droevig als in de media wordt geconfronteerd met het Comité Nederlandse Ereschulden. Nu weer over Nederlsndse oorlogsmisdaden op Sumatra. De Bersiap is kennelijk helemaal vergeten. Wordt er vanuit Archief van tranen nog tegengas gegeven? Ik ga wéér proberen een reactie in het AD geplaatst te krijgen.
Vriendelijke groet,
Jan E. de Vries
Jerry Croes20-07-2015 om 00:08
Lieve Sandra,

Jouw oproep doet mij veel. Op 15 juli jl. Is mijn moeder Vera Croes- Loriaux 23-04-1928 overleden. Een zorgzame Indische vrouw die op jonge leeftijd haar vader, broer en oom door pemoeda's heeft zien oppakken en met andere mensen op gruwelijke wijze zijn vermoord. Ik wil haar stille verdriet en de pijn die ze heeft verdrongen van de daken schreeuwen. Niet eerlijk, dus doe ik met jou mee. Warme groet en laat je niet van de wijs brengen, Jerry Croes
Sandra Reemer13-07-2015 om 17:39
Commotie rond mijn achtergrond

Ik ben ongelofelijk verontwaardigd, waarom deze belangrijke bladzijden van onze gezamenlijke geschiedenis niet wordt onderwezen in het voortgezet onderwijs.
Dat is de reden dat ik mijn site www.sandrareemer.nl gebruik om onze geschiedenis onder de aandacht te brengen.

Onze geschiedenis die gaat over: Het Nederlandse kolonialisme in Indonesië (het toenmalige Nederlands-Indië). Het willekeurige uitmoorden van Nederlanders of mensen, waarvan men dacht dat het Nederlanders waren, tijdens de Bersiap-periode.
De situatie in Indonesië die onhoudbaar werd voor Nederlanders, waardoor wij moesten vluchten. En over hoe wij hier zijn opgevangen. Want dat verdient al helemaal geen schoonheidsprijs (de goeden uitgezonderd).
Dat wij als gevluchte Nederlanders onze eigen opvang (kleding, contractpensions, meubels) tot de laatste cent hebben moeten terugbetalen. Hoe? 60% werd gewoon ingehouden van je nettosalaris! Dat is met twee maten meten. Ik vind het dan ook onbegrijpelijk dat ik die verontwaardiging niet massaal voel.

Deze basiskennis is belangrijk, zodat iedereen begrijpt waarom er financiële compensatie en erkenning wordt gevraagd.
Ik heb geprobeerd niet in mijn eentje aan de slag te gaan. Ik heb telkens mijn hand uitgereikt om die eenheid te vinden, die van levensbelang is, als je zo'n belangrijk onderwerp als de Indische kwestie onder de aandacht wil brengen bij met name de politiek. Juist omdat de overheid door alle eeuwen heen tot nu toe heeft gefaald.
Ik begrijp daarom niet, met alle goede wil die ik in me heb, waarom er zoveel verdeeldheid is bij de Indische gemeenschap.

Ook ik heb ervan langs gekregen. Mij wordt van alles verweten; van het verloochenen van mijn Indisch-zijn, het feit dat ik nu pas "wakker" word tot en met het feit dat ik dit zou doen om aandacht of om geld.
Laat ik die mensen en anderen dan uit de droom helpen. Ik doe dit, omdat mijn rechtvaardigheidsgevoel enorm opspeelt. En JA het speelt NU pas bij mij omdat ik net als vele anderen geen idee had hoe het zat. Ik ben me in mijn verleden gaan verdiepen omdat ik een aantal jaren geleden bezig was mijn totale identiteit duidelijk te krijgen. Om beide culturen in mezelf in balans te brengen. En gaandeweg lees en hoor ik hoe er met onze groep mensen is gesold.

En de overheid zwijgt in alle talen. Door te zwijgen denkt men misschien dat het probleem overgaat? Dat doet het niet! Want de frustratie, de pijn, het verdriet en het niet serieus genomen voelen, blijft.
Maar laten we eerlijk naar onszelf kijken; WIJ zwijgen ook nog steeds. De kleine groep mensen die zich al jaren inzet uitgezonderd.
Maar als je in gesprek gaat om jouw standpunt over het voetlicht te krijgen bij de andere partij, dan is het van belang dat je open moet staan voor het feit dat de andere partij misschien niet of deels op de hoogte is van de geschiedenis. De meeste Kamerleden zijn jonger dan diegenen die vechten voor hun standpunt. Is het dan niet logisch dat men eerst op de hoogte gebracht moet worden over deze geschiedenis?
Zodat je een groot draagvlak creëert niet alleen naar de politici maar ook naar de rest van Nederland toe.
In een korte tijd heb ik gesproken met aan de ene kant de Indische partijen, die om aandacht vragen, en aan de andere kant de mensen in de Tweede Kamer. Zij zijn heel welwillend, maar kunnen er geen homogeen verhaal van maken, omdat de verdeeldheid binnen de Indische gemeenschap zo groot is. Het is dus duidelijk dat, door de enorme verdeeldheid, WIJ zelf verantwoordelijk zijn voor het feit dat de Indische kwestie zolang duurt.

Ik zou het van de daken willen schreeuwen: ALS JE IETS BINNEN EEN SAMENLEVING VOOR ELKAAR WILT KRIJGEN MOET JE ALS EENHEID NAAR BUITEN TREDEN.

En lieve mensen mijn rechtvaardigheidsgevoel heeft mij aangezet dit onder de aandacht te brengen. Niet voor mezelf (want ik heb persoonlijk geen reden), maar voor de hele gemeenschap.
Ik wil dit blijven doen, maar ik kan het niet alleen. Juist een eenheid vormen is nodig, daarom heb ik veel mensen nodig, jong en oud, om mij te steunen. Wij mensen zijn allemaal een deel van het geheel, een deel van het enorme universum. Dat kun je pas voelen als je je ego durft los te laten. Als je inderdaad je verbonden voelt met de andere mensen.

En als de boodschap van de Indische gemeenschap een andere is, dan ga ik lekker door met mijn eigen leventje.

Sandra Reemer
visser04-06-2015 om 23:17
Hallo
Mijn ouders zijn vroeg al gaan scheiden , ben daarom niet bij mijn opa en oma op gegroeid
ik weet niet veel van mijn opa ik weet dat hij een knil soldaat was en dat hij aan een spoorlijn moest werken hij is 3,5 jaar gevangen genomen en moest in een Japans kamp zitten ik zou graag info willen hebben over hem ook ivm het feit dat ik met een stamboom bezig ben hij hete j visser en kwam uit Rotterdam wie o wie kan me verder helpen
rob Beckman Lapré13-04-2015 om 16:37
Tussen de vele honderden infornatie-uittreksels/notities mbt een scala van onderwerpen viel mijn oog op een 18/03/014 Volkskrant artikel door Nidy Nicolasen "Indiegangers(?)hebben nog miljoenen tegoed",een artikel www ingentaconnect.com " The killing of Dutch and Eurasians in Indonesia's national revolution" (Frederich, William H.),en www.Indischplatform.nl " Aspecten van het rechtsherstel".Kort; de 17 grootste verzekeraars in Ned.Indie zouden voor 251.8 miljoen(voor-oorlogse)guldens hebben verkocht,maar na de oorlog wisten maar enkelen bewijzen van deelname te kunnen tonen (" geen bewijs= geen uitkering schade")Omdat juridisch was vastgesteld dat de Nederlands-Indische regering een " eigen rechtspersoon" was (waarbij de vraag opkomt " was de oorlogsverklaring van N.I.aan het Keizerlijke Japan eind 1941 een oorlogsverklaring van deze "eigen rechtspersoon", en niet van het Koninkrijk der Nederlanden"?.M.i.was het "loskoppelen" van de "eigen rechtspersoon" Ned.Indie van het Koninkrijk een truuk om aan de verplichting jegens haar landgenoten/"landgenoten" te ontkomen.Alleen NEDERLAND zou NIET zijn overgegaan tot VOLLEDIGE rehabilitatie van haar landgenoten,in tegenstelling tot de VS,Gr.Brittanie,Frankrijk (Vichy!).De "wederinrichtingskosten" (44 miljoen guldens)moesten door de gerepatrieerde landgenoten tot de laatste cent worden terugbetaald.(Indisch Platform 4.2. Herstel oorlogssdchade.Een "Ereschuld"? Zeker niet in de optiek van de politiek,als men heden ten dage zonder enige moeite meer dan 600 miljoen euro/jaarlijks opzij zet voor "migranten".Men wuift zulks weg met " Ach dat is toch(maar)oud zeer" (wat nooit over gaat)
rob Beckman Lapré31-03-2015 om 12:19
Sterk stuk van dhr Nijenhuis(BEGO).Maar de 380 miljoen guldens ( plm 190 miljoen euros) zijn de bekende "peanuts" vergeleken bij de vele, vele honderden miljoenen die wij, die dierbaren(vaak of de meest gruwelijke wijze)hebben verloren gedurende de "Bersiap".Terwijl de NL staat ruim 2 ton uitkeerde aan weduwen van Indonesiers omgebracht gedurende de politionele acties(Volkskrant 30/08/013), keerde de Republiek Indonesia " nihil"(zero)euros uit aan de tenminste 3500 en mogelijk wel 20.000-30.000 slachtoffers van de bersiap(Omroepwest.nl " Historicus (William H.Fredrick); veel meer Indische Nederlanders vermoord",20/11/013. En dat terwijl er in 2014 zo'n 45360 (goed gelezen)dollar miljonairs in Indonesie (gros in Jakarta en Bandung)woonden (Wealthinsight.com " Wealth Intelligence center").Hoe ging het weer " gelijke monnikken,gelijke kappen"? Noot: Indonesie telt/telde 24 dollar miljardairs.
rob Beckman Lapré29-03-2015 om 19:04
Ontving recent uw " Wat komen jullie hier doen?".Waarom denk ik aan alle " gemiste kansen" die en exodus vanuit Indonesie naar Nederland,(Nederlands)Nieuw Guinea,Amerika hebben geleid.Wij verklaarden Japan de oorlog,maar in (Frans)Indo China ging het (koloniale)leven vanaf 1940-voorjaar 1945 zijn gangetje onder Vichy-Japans bewind.Géén 8200 doden in krijgsgevangen kampen,géén 16800 burger doden.H.J.A.Hofland schrijft in "Tegels lichten"over Nw.Guinea behouden " als laatste bolwerk van nationaal zelfrespect",en dat terwijl Min.Luns kon weten dat Amerika (Roosevelt)fel tegen behoud van kolonien was als oorlog ten einde was.("het "vodje van Luns"").Zoveel,jammerlijke, gemiste kansen,welke begonnen met het in september 1936(op termijn)afwijzen van de "Motie Soetardjo"in de Landraad.En het eindigde met een stroom van Nederlandse staatsburgers,waarop iemand( verrast) riep " Wat komen jullie hier doen!"
rob Beckman Lapré24-02-2015 om 19:31
In de herfst van 1945, wij woonden in Surabaja, werden alle in onze straat (Darmo buurt) door de Indonesiers gedwongen onze huizen te verlaten, en te voet (alleen met de kleren die wij aan hadden)gedwongen naar een centraal punt te lopen.Mijn moeder, mijn jongere broer (4) en ik (10)liepen wij door een straat, waar een halfnaakte vrouw was vastgebonden aan een boom.Zij was of gewond aan het hoofd, of haar ogen waren uitgestoken,want er stroomde bloed over haar wangen vanaf de oogkassen.Het enige wat zij uitbracht was " water, water".De rij werd opgedragen verder te lopen....op weg naar de gijzelaarskampen(" beschermingskampen" volgens de Republiek Indonesia).Was DIT nu het " Merdeka" ("Vrijheid")die men de bewoners in het vooruitzicht stelde?De Republiek ontkent,mogelijk in alle toonaarden,dat er gruwelen gebeurden.Dit was er slechts één van vele duizenden die op het conto van de Republiek mochten worden geschreven.U wenst erkenning van Nederlandse oorlogsmisdaden, geef dan ook na 70 (!) jaar toe wat, in Uw naam, plaatsvond.
sylvana bast05-01-2015 om 14:59
Ik ben sylvana, kapster. In de kapsalon heb ik vaak indrukwekkende gesprekken met klanten. zo ook een oudere Indonesische dame die mijn in vertrouwen nam waarom zij nog leefde. Deze mevrouw(ik ben haar naam vergeten) woonde ten tijde van de bersiap in indonesie. Elke dag waren ze bang en vele van haar vriendjes en vriendinnetjes zijn vermoord. Op een dag hoorde zij haar moeder schreeuwen en rende zij naar buiten. Daar zag ze dat 2 mannen samen een speer omhoog hielden en dat meerdere andere Japanse mannen kinder optilden, in de lucht gooiden en probeerden op te vangen op de speer. Alsof deze gruwelijke marteling een spel was. De japanners wilde haar moeder verkrachten en vermoorden. Deze mevrouw rende naar buiten en heeft gesmeekt aan de japanners om haar moeder niets aan te doen. ze heeft gesmeekt tot haar tranen zeer deden en ze gen woord meer kon uitbrengen, en de japanners hebben wonnderbaarlijk genoeg haar moeder en haarzelf in leven gelaten.Daarna zijn ze naar nederland gevlucht. Ik weet niet meer zeker of tijdens die bewuste dag haar broertjes en zusjes het overleefd hebben of niet. Dit verhaal achtervolgt mij nog steeds.
ellen geerts-de bats09-11-2014 om 15:48
Dank voor de reactie van Virgil Amade op 13/10/2014. Bent u een dochter van de zoon van de ontwerper van het fraaie andjing nica-logo (E.C.E. Amade)? Deze zoon kwam vaak bij ons op bezoek in Heemskerk. Hij heeft toen nog voor mij een exemplaar meegenomen van de zangbundel Kun je nog zingen, zing dan mee. Dat werd vaak gebruikt op de Europese scholen in Indie/Indonesie. Ik heb dat boekje nog bewaard. Ik herinner mij hem als een beschaafde vriendelijke jongeman. Ik heb een kroniek over de familiegeschiedenis gemaakt voor de naaste familie. Dankzij uw gegevens kan ik een en ander aanvullen. Hartelijke groet van Ellen Geerts-de Bats
Virgil Anade13-10-2014 om 12:41
"Heel indrukwekkend.... even als reactie op mevrouw ellen geerts de bats.

De ontwerper van het embleem van de Andjing Nica was mijn opa. Eduard Cornelis Emile Amade

Virgil Amade


Hijzelf heeft nooit bij de andjing nica gezeten (het bataljon waar vele indo's en molukkers zich bij aansloten om hun vrouwen en kinderen te beschermen tegen de massamoorden begaan door de pemoeda's, de inlandse nationalisten), maar hij kent wel de ontwerper van dat hondenkopembleem, ene Amade. Diens zoon kwam in Nederland vaak bij ons op bezoek. Het KNIL bataljon Infanterie V ontving spoedig na oprichting eind 1945 te Bandoeng van de tegenstanders de scheldnaam Andjing NICA (andjing is Maleis voor de onreine (christen)hond, NICA was de naam van het terugkerend Nederlands-Indische Gouvernement ; Netherlands-Indies Civil Administration). Infanterie V koos de scheldnaam echter tot erenaam hetgeen tot uitdrukking werd gebracht in het mouwembleem. Een dreigend grommende hondekop, ontworpen door soldaat E.C.E. Amade."
Peter Aangeenbrug05-09-2014 om 10:02
Met veel interesse heb ik uw beide documentaires van Archief van tranen onlangs gekeken. Enorm heftig om te zien.
In het dagelijks leven geef ik geschiedenis op een middelbare school. Verder ben ik onder andere erg geïnteresseerd in de periode 1942-1949 in Indonesië. Heb hier al veel over gelezen maar het blijft boeien. Afgelopen zomer ben ik samen met mijn vrouw op rondreis geweest door Indonesië (Java, Lombok, Bali). Naast historische bezienswaardigheden ook genoten van cultuur en natuurschoon, maar ik zou graag nog eens terug willen om uitgebreider onderzoek te doen naar de geschiedenis van het voormalige Nederlands Indië.

Ik heb twee leerlingen uit 5 havo zover gekregen om een profielwerkstuk te gaan schrijven over de Bersiap. Beide leerlingen hebben de afleveringen gezien van Archief van Tranen en dat heeft ze ertoe gezet om hun PWS te schrijven over de Bersiap.

Peter Aangeenbrug
docent geschiedenis en maatschappijleer m
P.J.G.A. Ego28-02-2014 om 16:53
Het archief van tranen

Documentairemaakster Pia van der Molen heeft op 3 september j.l. een open brief geschreven aan minister-president Mark Rutte over de excuses die hij wil maken naar aanleiding van excessen tijdens de politionele acties in het toenmalige Nederlands-Indië. Zij heeft daarin Rutte gevraagd tijdens zijn bezoek aan Indonesië ook aan de orde te stellen dat in deze periode circa 20.000 Nederlandse burgers door Indonesische 'vrijheidsstrijders' zijn vermoord.

Pia van der Molen maakte een groot aantal documentaires, waaronder een aantal over 'medische missers' met als host prof. dr. B. Smalhout.
In de kwestie rond Indonesië heeft mevrouw Van der Molen onder andere de buitengewoon waarheidsgetrouwe documentaire Archief van tranen vervaardigd voor de omroep MAX die ook op onze website www.osl-stavast.nl is te zien. Hierin wordt de 'Bersiap'-periode aan de orde gesteld, waarvan in ons land kennelijk niemand meer weet heeft, maar waarin ruim 20.000 Nederlanders een gruwelijke marteldood stierven door toedoen van Indonesische opstandelingen. De veelal jonge Indonesiërs waren opgeleid door de bezettende Japanse legermacht, die de jongelui compleet hersenspoelde en geschikt maakte voor hun beestachtige handelen direct na afloop van de Japanse bezetting. Iedere 'belanda' was kandidaat voor onthoofding, het afhakken van ledematen of, als toppunt van liederlijkheid, het via de anus overlangs doorboren van het lichaam door middel van een forse bamboespeer. Het optreden van de Nederlandse militairen in die tijd kan niet los worden gezien van de 'bersiap'.

Rutte deelde eerder al mee dat Nederland, naast het aanbieden van excuses aan Indonesië, aan elk van de nabestaanden van alle standrechtelijk geëxecuteerden een schadevergoeding van 20.000,- euro zal uitkeren. Het leek onze premier verstandig om snel excuses te maken voor zaken die nu ook gerechtelijk afgewikkeld zijn. Hierover is op deze website al het nodige geschreven en ook langs andere kanalen heeft de redactie van OSL STA VAST uitdrukkelijk haar teleurstelling laten blijken over de impliciete belediging aan het adres van de veteranen die hiermee gepaard gaat. De situatie in Indonesië was destijds bepaald anders dan men zich nu in deze tijd kan voorstellen. Zoals in iedere oorlog zullen zich ook in Indonesië misstanden hebben voorgedaan en het siert ons land daarvoor verantwoordelijkheid te nemen. Daartegenover zou van de Indonesische regering verlangd mogen worden dat zij de veel omvangrijkere massamoorden op de toen aanwezige Nederlanders ruiterlijk erkent en daarvoor eveneens haar verantwoordelijkheid neemt zoals het een beschaafd land betaamt.

P.J.G.A. Ego
columnist OSL Stavast
Marianne van der Wilt06-02-2014 om 10:54
Geachte mevrouw van der Molen,
 
Met belangstelling heb ik uw op de site naar uw documentaire gekeken en de reacties  en  verhalen  gelezen.
Het doet mij goed dat u in uw documentaire aandacht geeft aan de andere kant van de zaak, dank daarvoor!
Woensdag 31 januari j.l. was er n.l. een uitzending van de EO over de Bersiap periode en ik heb mij daar echt boos over gemaakt, zo eenzijdig, vandaar mijn mail aan u.
Al de militairen die daar geweest zijn, het lijkt wel of dat zij als  oorlogsmisdadigers móeten gebrandmerkt worden, ook het interview met Liesbeth Zegveld, de mensenrechten advocaat, gaf dat duidelijk weer.
Ik heb de EO hierover een mail gestuurd en gevraagd om ook eens het Historisch Nieuwsblad over de Bersiap periode te raadplegen.
Ook het artikel van Remco Caben daarin beschreven is de moeite waard om te lezen, dat geeft ook een heel andere kijk op de feiten dan dat het programma van de EO heeft willen laten zien.
Ik zelf ben van 1953 en heb die periode niet meegemaakt, maar een oudtante van mij heeft in een jappenkamp gezeten en mijn vader is als 20 jarig dienstplichtig militair in 1948 uitgezonden naar Nederlands Indië .
Als je als soldaat vecht voor je land en je vlag en het is hij of ik, dan heb je geen keus, maar  een oorlogsmisdadiger ben je pas als je moord om het moorden en dus zinloos mensen ombrengt.
De regering van nu doet precies het zelfde als de regering van toen: vooral niet erkennen dat die jongens van toen heel veel meegemaakt hebben  en daar dan ook volkomen aan voorbij gaan ,het gewoon negeren het is en was niet bespreekbaar.
Van enige hulp voor verwerking was geen sprake en er stond bij terugkeer ook geen comité klaar om die jongens welkom te heten, geen interesse.
Wel diepe buigingen maken voor de Indonesische regering o,o, wat zijn we toch fatsoenlijk, het braafste jongetje van de klas.
Diepe sporen heeft het achtergelaten in de levens van die voormalige soldaten en ook in hun gezinnen, ook mijn vader had een PTSS.
De Nederlandse regering heeft toen ook vele fouten gemaakt, alleen al de maatregel dat na de overdracht de militairen hun wapens in moesten leveren en daar dus nog drie maanden ongewapend hebben rondgelopen, voordat zij ingescheept werden.
Dat heeft nog vele jonge jongens het leven gekost, de extremisten, want dat waren het ook al heten ze dan nu vrijheidstrijders,
die hadden hun wapens niet ingeleverd en  konden dus gewoon hun gang gaan wat moorden aanging.
Ik weet niet of er nog weer een vervolg komt op uw documentaire, maar mocht dat zo zijn,dan zou het  mooi zijn als ook dat eens goed voor het voetlicht gebracht zou kunnen worden.
Ook al die blunders die door de toenmalige regering begaan zijn, ook al moet het e.a. gezien worden in de context van die tijd.
Maar dat niet al die  oud "Indiëgangers" , waarvan de meeste  postuum, alsnog als oorlogsmisdadigers veroordeeld worden.
Dat zou geen recht doen aan de geschiedenis en ook dat je ,je als nabestaande  niet hoeft te schamen voor het feit dat je vader, broer,echtgenoot enz, in Ned. Indië is geweest.
 
Met vriendelijke groet,
Marianne van der Wilt
 
Annemieke de Jong-Schoevers16-12-2013 om 17:36
Hartelijk dank voor de dvd van Archief van Tranen. Ik heb hem meteen bekeken. Uw documentaire over de ontsnapping uit de Werfstraat gevangenis in Soerabaja heb ik gezien in 1997 of zo, want toen was mijn moeder al  een aantal jaren overleden. Toen al grepen mij deze opnames aan, maar mijn vader wist zich daar weinig van te herinneren. Alles diep diep weggestopt. Te pijnlijk.

A.J.A. Schoevers is mijn opa, de vader van mijn vader. Ik weet dat hij in deze Bersiaptijd is vermoord. Waarom zij uit de kampen zijn gegaan, weet ik niet. Wel weet ik dat mijn vader in deze tijd zijn vader heeft moeten ophalen. Als een jongetje van 17 moest hij door deze onrusten 150 km reizen om opa te gaan halen. De familie was toen voor een aantal  weken verenigd en bij elkaar in hun huis aan de darmoboulevard. Dit waren de mooiste weken van mijn oma, vertelde mijn vader. Daarna werd Pa Schoevers bij Razzias opgehaald en vermoord en mijn vader kwam tesamen met zijn broer Dolf Schoevers  in de van de Werftstraat.
Deze periode moet dusdanig ingrijpend zijn geweest, want mijn vader  kon er geen contact meer mee krijgen. Wist alleen uit verhalen wat er is gebeurd, maar kon het zelf niet voelen. Dat deze periode op hem een litteken heeft achter gelaten is dan ook wel te begrijpen. Voor ons kinderen werd dit pas na de dood van onze moeder duidelijk. Met alle gevolgen die daarbij horen.

Onze vader is nu in maart jl overleden, en eigenlijk is zijn levensverhaal gewoon triest. Hij droeg iets  groots met zich mee opgesloten in zijn hart, waarvan hij de sleutel had weggegooid.  Daardoor was er in zijn hart geen ruimte meer voor ook de mooie dingen van het leven. Voor liefde, van zijn vrouw, kinderen en later zijn vriendinnen.  Beide broers zijn aan hartklachten  aan een stilstand overleden.
Ik had graag geweten, waarom hij zo geworden is zoals hij was maar er werd over deze dingen niet gesproken. En hij kon er niet bij.
Alleen dat onze vader bij het spitsroede lopen zijn hernia heeft gekregen. Maar wat weet je al wel niet als kind van 10-12 jr.
Maar je achtervraagd ook niet. Je voelt dat dit beladen is. Tja, zo kan ik nog heel veel doorschrijven.
 
Ik kan u tzt een foto van mijn opa toesturen en zou het ook erg fijn vinden als ik u eens mag ontmoeten, want misschien kunt u mij een beetje verder helpen in dit verleden van mijn familie. Een vergeten familie uit Ned-Indie, waar veel veel verdriet heeft plaatsgevonden en zij hebben dit nooit in Nederland groot geopenbaard. Toch liggen daar onze wortels. Ook hebben wij enorm vele fotos van voor de oorlog van vele familieleden, die wij jammer genoeg niet bij naam kennen.
 
Hartelijke groeten,
 
Annemieke de Jong-Schoevers
Duitsland
Dinkie Boutkan van der Sluis21-11-2013 om 17:24
Ik heb een verhaal geschreven over mijn ervaringen tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië en de daarop volgende bersiap-periode. Dit verhaal wilde ik eerst niet vertellen, maar door mijn oudste dochter ben ik het toch gaan doen en er ook wel blij om.
Dinkie.

Naschrift: het verhaal van Dinky kunt u lezen onder het menu Uw verhaal
R.L.Persijn18-11-2013 om 13:35
IN EEN (OUDE) GEVANGENIS en IN EEN (OUD) HOTEL........


Weinig Indische Nederlanders (Indo's) vertellen gemakkelijk over de tijd die ze hebben meegemaakt in hun geboorteland Indonesië tijdens de zogenaamde BERSIAP-periode.
Deze donkere periode die Bersiap (= weest paraat) werd genoemd was een gewelddadige periode in de Indonesische geschiedenis en duurde van ongeveer de helft van 1945 tot begin 1946.
Na de capitulatie van Japan (15 augustus 1945) ontstond in het toenmalige Nederlands-Indië namelijk een gezagsvacuüm. Bij de overgave van Japan aan de geallieerden waren en (nog) geen geallieerde of Nederlandse troepen in het land aanwezig. Wel waren er de Japanse bezetters en dus kregen die van de geallieerden specifieke orders om de status quo te handhaven tot de komst van de geallieerde troepen.

Soekarno, Hatta en de oudere Indonesische leiders waren terughoudend om op te treden en wilden geen conflict met de Japanners uitlokken.
Terwijl deze groep leiders zich toen nog wat gedeisd hielden, geloofden republikeinse jongeren (de Pemoeda's, van pemoeda = jeugd), dat ze de plicht hadden op te roepen tot REVOLUTIE. Soekarno werd door pemoeda's ontvoerd en in zijn huis op Pegangsaan Oost met succes onder pressie gezet om, twee dagen na de Japanse capitulatie, op 17 augustus de Repoeblik Indonesia uit te roepen.
Met politieke druk hadden Soekarno, Hatta en anderen de Japanse macht zover gekregen dat er een Indonesisch leger werd opgericht (de Peta = Pembela Tanah Air) dat geen vuurwapens kreeg maar wel door Japanse instructeurs werd getraind. Daarnaast was er, min of meer naar communistisch voorbeeld georganiseerd in een cellenstructuur, een volksstrijdmacht opgezet, de zogenaamde "Banteng-groepen" (Banteng= rund). De bewapening was sober, ze bestond uit een kapmes ( een klewang, een dagelijks gereedschap, per etnische groep wisselend van vorm en grootte, in vrijwel de hele archipel) en de bamboe-roentjing (roentjing / roentjing = spits/puntig) een in een punt geslepen bamboestok van omstreeks 2 meter lang. Het argument naar de Japanse bezetter toe voor het oprichten van deze militaire en paramilitaire groepen was: de Japanse troepen steun te verlenen bij een eventuele geallieerde invasie. Het ligt voor de hand dat in deze paramilitaire milities ook zeer veel gewelddadige, roofzuchtige elementen zaten. Deze hielden vaak een klopjacht op buitenlanders, in het bijzonder op Chinezen (veelal handelaars) en Nederlanders, die zij beschouwden als vertegenwoordigers van het voor hen definitief voorbij koloniale bewind. En in het bijzonder de Indo's met hun (vaak) donkere huid moesten het ontgelden, omdat zij (geboren en getogen in het land, maar met een Nederlandse nationaliteit) als 'verraders' van het Indonesische volk werden beschouwd.
Naargelang steeds duidelijker werd dat de Nederlandse autoriteiten bezig waren hun terugkeer naar Indië voor te bereiden, roerden de nationalistische krachten zich steeds meer. Soekarno en de andere nationalistische leiders slaagden er niet in hun jonge heethoofdige aanhangers volledig in de hand te houden.
In het Cheribonse gebied op West-Java, vooral in Madjalengka, werden veel (Indische) Nederlanders gruwelijk vermoord, zelfs onthoofd.
Mede onder internationale druk werden dan ook tienduizenden (Indische) Nederlanders door de Republiek Indonesië (opnieuw) geïnterneerd, veelal in kampen in het binnenland van Java..
Wij, mijn moeder, broer en ik woonden tijdens de oorlog (mijn vader was toen krijgsgevangene in Japan) bij opa en oma in Cheribon.
Mijn opa overleed op 30 september1942 en mijn Madoerese oma bleef alleen met ons over in dat grote huis op Tengah Tani (= tussen de boeren) in het gehucht Dawoean bij Cheribon.
Op een dag (18 oktober1945) werden mijn moeder, broer en ik opgehaald door een Japanse soldaat op een motor met zijspan en vervoerd naar een oude gevangenis "Boei Lama" ( letterlijk: oude gevangenis) in het centrum van Cheribon, vlak bij de haven, om daar te worden geïnterneerd. Mijn oma was Indonesische en mocht dus in haar huis blijven. Gelukkig woonde ook haar neef Meto toen in dat huis, want anders was ze heel alleen....en als vrouw, die met een Belanda (Nederlander) was getrouwd, bleef ze toch kwetsbaar....
De bewakers van het kamp "Boei Lama" bestonden uit getraumatiseerde Japanse soldaten (zij hadden immers VERLOREN) en fanatiek nationalistische Indonesisch soldaten en nog fanatiekere pemoeda's. De daar geïnterneerde (Indische) Nederlanders konden dus kiezen om te worden gebeten door de 'kat' of door de 'hond'....
De omstandigheden in Boei Lama waren verschrikkelijk. Gebrek aan water, medicijnen, sanitaire voorzieningen en minder dan 800 gram rijst per dag met een waterig groentesausje, getrokken uit gèndjèr, een soort waterplant. Dit minimale eten, zonder enige voedingswaarde, zorgde bij velen voor een ernstige "beriberi". Het woord betekent 'ernstige zwakte' en is het gevolg van vitamine B1 tekort. De gendjer werd geplukt uit en langs de sloten die aan de buitenzijde van de gevangenismuren liepen of aan de randen van het afvoerkanaal van de toiletten.
Toen deze 'oude gevangenis' steeds voller werd, werden 650 personen (waaronder ook mijn moeder, broer en ik) overgeplaatst naar een ander kamp, een voormalige hotel, namelijk Hotel Cheribon, Tjangkolweg 14 te Cheribon.
Hier kregen we evenveel (of liever gezegd: even weinig!) rijst, maar gelukkig wat meer groenten.
Er was hier zelfs een polikliniekje (!) waar zuster Devos zat. Wat ze daar deed is me (nog steeds) een raadsel, want er waren geen geneesmiddelen en geen verbandmiddelen.....
Velen sliepen hier op de grond, omdat van het oude hotel nog maar enkele bedden over waren...

Op 26 april 1946 werden wij (mijn moeder, broer en ik) sterk vermagerd in een GEBLINDEERDE trein gestopt en naar Batavia vervoerd, onder begeleiding van leden van de RAPWI (Recovery of Allied Prisoners of War and Internee) en Indonesische soldaten.
We kwamen aan op het station Manggarai. De treinreis had vele uren geduurd en wij waren doodop, maar hier werden we verenigd met onze vader, die inmiddels uit Japan, waar hij gedurende de oorlog krijgsgevangen zat, naar Batavia was vervoerd.
Vier mensen vielen elkaar hier na ruim VIER jaar in de armen......nou ja, ...armen... het waren meer botten met wat droog, ruimzittend vel daarover.....

René Persijn
H. Bonselaar29-10-2013 om 13:40
Geachte mevrouw van der Molen,

In het Veteranenblad Checkpoint las ik dat u dhr. Rutte een brief heeft geschreven over de door Nederland aangeboden excuses aan nabestaanden van de destijds door Nederlandse troepen omgebrachte Indonesische "vrijheidsstrijders". Voor dit initiatief heb ik waardering.
Naar aanleiding van uw TV reportage over de Bersiap periode een paar jaar geleden heb ik u, wellicht ten overvloede, gemailed dat tot de slachtoffers van extremistisch optreden ook andere etnische bevolkingsgroepen behoorden en zelfs Britse militairen en koloniale troepen in Britse dienst w.o. Ghurka's en "beschermende" Japanse militairen.
Ik wil u niet teleurstellen maar u zult in het meest gunstige geval waarschijnlijk een nietszeggend antwoord van deze politiek leider ontvangen, waarin deze zich niet laat afbrengen van het beoogde reisdoel.
Zoals u bekend is hebben politici zich sinds de souvereiniteitsoverdracht van N.O. Indië en later Ned. Nieuw Guinea, in het openbaar nauwelijks uitgelaten over deze beladen tijd. De argumenten die hieraan ten grondslag lagen en nog steeds gelden zijn talrijk en zeer
verschillend van aard.

Tenslotte wil ik de aandacht vestigen op twee boeken die ik recentelijk heb aangeschaft en die ik u kan aanbevelen:

1. Inez Hollander: Silenced Voices - Uncovering a Family's Colonial History in Indonesia. Ohio University Press, USA. Ned. vertaling: Verstilde stemmen en verzwegen levens - een Indische familiegeschiedenis.
Naast de familiaire uiteenzettingen bevat dit boek vele uit recent historisch onderzoek verkregen gegevens over de Jappentijd en de Bersiap periode. Een bijzonder facet is de onthulling van de Nederlandse kapitein P.J.G. Huijer als leverancier van grote partijen wapens aan extremistische groeperingen. Uitgeverij Atlas, A'dam.

2. Abraham van Leeuwen: Bandjir - vuurstorm over Java.
Een zeer knap en realistisch geschreven boek in romanvorm van de "prins van Lignac", die nooit in die tijd in Indië is geweest maar alles heeft gebaseerd op historisch feitenmateriaal. Foto's zijn destijds beschikbaar gesteld door de bekende lt.kol. (titulair) S.A. Lapré RMWO. Uitgeverij Het Spectrum.

Met vriendelijke groeten,

H. Bonselaar,
ex marinier 41 INCO, Manokwari, Ned. Nieuw Guinea, 1961-1962.
YPH.LIGNAC26-10-2013 om 12:57
Geachte heer/mevrouw,

De bersiapperiode duurde van 1945 tot en met 1949, de datum van de door beide partijen ondertekende soevereiniteitsoverdracht. En daarna werd er ook nog wel gemoord, onthoofd, brand gesticht. Een democratische regering erkent alleen mensen in hun vrijheidsstreven die willen onderhandelen en overleggen en beschermt haar gehele bevolking tegen moorden
en brandstichting etc.
Met vriendelijke groet, Yvonne Lignac
N.A.Wijnveldt20-10-2013 om 16:18
Aan Hare Excellentie mevrouw Retno L.P. Marsudi,Buitengewoon en Gevolmachtigd Ambassadeur van de Republiek Indonesië.

Excellentie,

De Nederlandse ambassadeur in Indonesië heeft 12 september 2013 in Jakarta namens de Nederlandse regering excuses aangeboden voor de standrechtelijke executies door Nederlandse militairen tijdens het militair optreden in de periode 1945 - 1949. Familieleden en weduwen van in Zuid-Sulawesi geëxecuteerden woonden de bijeenkomst bij waarin de Nederlandse ambassadeur excuses aanbood. De ambassadeur onderhield zich met enige nabestaanden van geëxecuteerden.
De standrechtelijke executies zijn niet in opdracht van de Nederlandse regering uitgevoerd maar zijn wel door militairen die de Nederlandse regering dienden verricht. De Nederlandse regering is dus niet schuldig aan deze executies, maar is wel verantwoordelijk voor de daden van haar militairen. Het aanbieden van excuses door de Nederlandse regering is een kenmerk dat een beschaafde regering betaamt.

Het aanbieden van excuses voor standrechtelijke executies door Nederlandse militairen in de periode 1945-1949 moet echter niet verhullen dat in 1945-1946 Indonesische republikeinen zich in meest afschuwelijke excessen uitleefden jegens Nederlandse staatsburgers die net uit Japanse gevangenschap kwamen en Nederlandse staatsburgers van Nederlands-Indische afkomst, zogenoemde "Buitenkampers", die deels buiten de Japanse kampen waren gebleven. 17 augustus 1945, 2 dagen na de Japanse capitulatie, is de Republiek Indonesia uitgeroepen. Vrijwel onmiddellijk begon de hetze gepropageerd door diverse Indonesische leiders. Bekend opschrift in die tijd op borden, gevels en treinstellen was "Sateh Belanda".
"Pemuda's", Indonesische strijdgroepen van jongeren, gewapend met vuurwapens, zwaarden, bambu spiesen en andere moordwapens overvielen Nederlandse en Nederlands-Indische gezinnen. Deze gezinnen bestonden kort na de Japanse capitulatie op 15 augustus 1945 veelal uit vrouwen en kinderen omdat de weerbare mannen nog in Japanse krijgsgevangenschap verbleven. Vrouwen werden verkracht, de borsten afgesneden en huilende kinderen en baby's ten overstaan van hun doodbloedende moeders de hals doorgesneden en het lichaam in stukken gesneden.
De moordpartijen in 1945-1946 door Indonesische strijdgroepen met name op diverse plaatsen op Java en Zuid Sulawesi waren geen antwoord op Nederlandse militaire acties omdat van operationele Nederlandse militaire aanwezigheid in die periode daar, geen sprake was.
Indonesische strijdgroepen hebben in de periode 1945-1949 naar schatting 20.000 weerloze Nederlandse staatsburgers vermoord. Het aantal vermisten als gevolg van gepleegde misdaden tegen Nederlandse staatsburgers is naar inschatting 15.000.
Het past de Indonesische regering beschaving te tonen door voor de gepleegde misdaden van haar onderdanen jegens weerloze Nederlandse burgers in de periode 1945-1949 de Nederlandse regering haar excuses aan te bieden.

Hoogachtend,

N.A. Wijnveldt
Joop Pompe Tjideng 1942-194505-10-2013 om 11:22
Bedankt voor de open brief aan premier Rutte. Ik hoop dat hij hier goede nota van neemt.
Er zijn tijdens de politionele actie's dingen gebeurd die niet goed waren,maar vaak een gevolg waren op de gruwelijke actie's van de Pemoeda's.
Premier Rutte kan het ook nalezen in het boek van Bussemaker "Opstand in het Paradijs".
Edward Frietman03-10-2013 om 10:21
De open brief is een initiatief om duidelijk te maken dat er nog steeds met twee maten wordt gemeten en dan hebben we het nog niet eens over het bedrag dat Indonesië toen beschikbaar heeft gesteld, maar dat nooit de Indische gemeenschap heeft bereikt.

Waar komt de gedrevenheid van Zegveld vandaan om het wel op te nemen voor de slachtoffers van de Nederlandse militie, naast het volledig negeren van de Indische slachtoffers van de bersiap tijd.

De arrogante houding van de toenmalige staatssecretaris Velthuizen van Santen over de Indische kwestie was waarschijnlijk ingegeven door de mening van de 2de en 1ste kamer hierover.
Triest en vernederend voor de Indische groep.
Bram Menke20-09-2013 om 14:23
Mijn grote dank voor uw open brief aan Premier Rutte; dit tegengeluid was hoog nodig en ook zeer terecht.
Ik hoop vurig dat deze open brief iets zal veranderen aan de houding van Nederland in deze; nu nemen wij
alle schuld op ons, terwijl dit geheel onterecht is.
Ik vrees evenwel dat de economische belangen en de politiek hier weer een prominente rol gaan spelen en
dat Rutte "eenzijdig" door z'n knieën zal gaan.

Voeg daarbij het gegeven dat de oosterling moeilijk schuld kan bekennen hetgeen gezichtsverlies betekent,
en ik vrees dan ook dat Rutte braaf zal doen wat van hem "verlangd" wordt.
Toch veel dank voor uw brief.

Groet,
Bram Menke.
Rie Holtkamp11-09-2013 om 13:56
Pia, geweldig dat je bij Mark Rutte aandringt om bij zijn bezoek aan Indonesië over de bersiap-periode te praten.
Als er toendertijd geen Nederlandse militairen waren gestuurd, hadden niet veel Nederlandse en Indische mensen het overleefd.
In het boek "Ik beken"van Elise Lengkeek worden de wreedheden van de pemoeda's aan de kaak gesteld.

Rie Holtkamp
Henk Knufman10-09-2013 om 13:59
Kunt U mij in contact brengen of heeft U
voor mij het E-mail adres of een telefoonnummer
van Paola van Gijn. Ik zou het graag over haar oma van vaders kant willen hebben. De naam van mijn oma is namelijk Lina Knufman Tuasei.
Ik hoop dat U mij kunt helpen.

Henk Knufman
Hans Vervoort05-09-2013 om 16:10
Goeie brief, Pia.
Niet dat het enig resultaat zal hebben, want in Indonesia is men niet toe aan zelf-onderzoek over deze periode.
Maar het is goed dat je het aansnijdt.

Vriendelijke groet, Hans Vervoort
B.Bouwman05-09-2013 om 15:55
Geachte Mevrouw Pia van der Molen,

Graag betuig ik U mijn waardering voor Uw open brief aan premier Rutte en de documentaires van het Archief der Tranen.

B. Bouman
oud-voorzitter Stichting Japanse Ereschulden
Leo Blokhuis31-08-2013 om 10:12
Geachte mevrouw Van der Molen,

Graag wil ik u complimenteren met uw werk.
Zojuist heb ik de documentaire Archief van Tranen gezien. Wat indrukwekkend!
Op het moment ben ik bezig met een boek over de zogenaamde Indo Rock.
Ik ben muziekliefhebber, muziek is mijn vakgebied als beschouwer en ik heb
daar al verschillende boeken over geschreven.
De Indo Rock interesseert mij, omdat het in feite het begin van de
popmuziek, de rock & roll in ons land is.
Het klinkt in uw oren wellicht als een futiliteit, maar het is interessante
materie.
Ik heb veel oudere Indo's gesproken over hun leven hier en in Indië, met
name in de jaren 50.
Maar het is onmogelijk deze mensen te begrijpen en iets van hun leven te
doorzien als we niet het drama dat het decennium van de jaren 40 was kennen.
Ik heb besloten mijn boek met historische insteek als roman te schrijven.
Het geeft me de vrijheid verhalen te combineren en persoonlijk te maken,
alles uiteraard met respect voor de geschiedenis zoals die zich heeft
ontrolt.
Tijdens mijn zoektocht naar meer informatie over het bloedbad bij de Simpang
Club stuitte ik op uw werk.
Ongelofelijk hoe veel u via het archief van Jack Boer boven tafel heeft
gekregen.
Het sterkt mij in de gedachte en in mijn streven een mooi, waarheidsgetrouw
verhaal te schrijven dat recht doet aan de onwaarschijnlijk moeilijke
omstandigheden waarin veel Indo's hun leven hebben moeten leiden.
Ik wordt daarin ook elke keer weer gesterkt als ik me in de Indische
gemeenschap bevind.
Om misverstanden te voorkomen: ik heb zelf voor zover ik weet geen druppel
Indisch bloed in mijn aderen.
Hoe dan ook, dank u voor uw tijd om dit te lezen, ik wens u al het Goede bij
uw nieuwe film, "Stille tranen in een kil vaderland", wat natuurlijk ook
behoorlijke raakvlakken heeft met mijn onderwerp en waar ik naar uitkijk.

Vriendelijke groet,
Leo Blokhuis,
Amsterdam
R.Hoffman31-08-2013 om 10:09
Geachte mevrouw van der Molen,

Hiermede wil ik mijn dank en waardering kenbaar maken voor de door u geproduceerde documentaire mbt de "bersiap".
Mij heeft het altijd gestoord dat tot nu toe slechts met één oog en niet met beide ogen naar de gebeurtenissen in vm Ned-Indë wordt gekeken.
Dat het voor velen niet in hun kraam te pas komt dat er ook nog een andere kant aan de zaak zit, moge uit de voorbeschouwing in de VPRO Gids blijken.
De omroep MAX heeft onlangs uw documentaire weer uitgezonden, waardoor de zaak voor mij weer actueel werd; inclusief mijn ergernis over de wijze waarop de documentaire in de V Gids werd becommentarieerd.

Ik hoop dat u, naast dit schrijven, genoeg bijval heeft mogen ontvangen om op de ingeslagen weg door te gaan, en wens u veel succes.

Vriendelijke groet,

Ron Hoffman
(Modjokerto 1936)
S.Melein31-08-2013 om 10:06
Geachte mevrouw Van der Molen

Ik heb met belangstelling naar Uw documentaire 'Archief van Tranen' gekeken, dit terwijl het kabinet Rutte 2 spijt wilt betuigen aan Indonesie, voor gepleegde excecutie,s geen woord wordt er gesproken over de moord op Nederlandse vrouwen en kinderen in 1945, misschien kan U Premier Rutte vragen wanneer Indonesie spijt gaat betuigen.
Michel Bille22-06-2013 om 17:31
Ik moet vaststellen dat -let wel - misleidde Religieuze ijver van alle tijden is.Dit soort massahysterie zet 'misleidde' mensen aan zich tot "beesten"te verlagen en nog beest-achtiger te werk te gaan dan dieren...
Er is maar 1 antwoord op deze en alle gelijkaardige moordpartijen: nl.Openbaring hoofdst.12:vers12.
ZIJN heerschappij en moordende 'geest' is gelukkig bijna voorbij daar "hij" nog maar 'een korte tijd ' heeft.20000 Nederlanders,mannen vrouwen kinderen zullen kunnen "te voorschijn komen" Johannes 5:29.De moordenaars zullen hun eigen prijs "krijgen"...

Achtingsvol

M.bille
Jenny Harper16-06-2013 om 04:56
Mijn oom Joop Ostendorf was een jongen van 18 jaar. Hij was soldaat in het Hollandse Leger. Op 28 December 1946 stond hij op wacht met een andere soldaat. Beiden werden van achter aan gevallen en door hun strot gesneden. Oom Joop heb ik nooit ontmoet. Hij ligt begraven op het Nederlandse Ereveld Pandu. Ooit hoop ik hem daar te bezoeken.
J. Mobach29-04-2013 om 14:46
Uw tv-documentaire 'Archief van Tranen' en het lezen van het boek 'Asta's ogen' van Eveline Stoel met daarmee verweven gevoelens van herkenning, vormen de aanleiding van mijn reactie.
Mijn twee broers en ik (17) vertrokken maandag 29 september 1945 met de trein van Djokja naar Bandoeng in het kader van Hereniginggsreizen en dat op eigen risico. Mijn broers hadden mij in Banjoe-Biri opgehaald om gezamenlijk de reis naar Tjimahi te ondernemen (plm. 10 km west van Bandoeng) waar mijn vader en mijn twee broers gevangen zaten tijdens de japanse bezetting. In één wagon zaten uitsluitend hollandse vrouwen en kinderen. Andere wagons waren afgeladen in die tijd met inheemse reizigers. In Tasikmalaja werden wij bedreigd door tientallen zgn. pelopers en wij hebben het aan de machinist te danken, dat wij uit een dreigende moordpartij konden ontsnappen.
In Bandoeng aangekomen besloot mijn broer naar Tjimahi te lopen, maar op vermoedelijk een telefonisch signaal naar Bandoeng, kwam uit die richting een auto aanstormen die gierend remde. Een japans officier stapte uit en sleurde ons bijkans de auto in. Hij leverde ons af bij een 'beschermde' school. Wij hadden het er niet levend afgebracht als wij in de dikke duisternis waren doorgelopen, denk ik.
In Centrum '45 Oegstgeest tekende ik een impressie. Maar ook namens een ooggetuige-verslag van ene Ina uit Amsterdam, de overval op het Goebeng-transport. Zij vertelde mij dat ze opeens, als kind, alleen de arm van haar tante in handen had! Dit gruwelijke voorval herkende zij in mijn tekening. Deze tekening is bij 'Hier en Nu' NCRV tv op de buis geweest, 90-er jaren.
Mijn verzoek is of ik een DVD van Uw uitzending (Soerabaja) kan verkrijgen, waarvoor mijn dank. U heeft met Uw uitzending veel herkenning opgeroepen over die gruwelijke episode.

Met dank voor Uw aandacht,
J. Mobach.

Re. De DVD is verkrijgbaar bij Omroep MAX : www.omroepmax.nl/max-winkel/dvd-s/dvd-archief-van-tranen
Sunny11-01-2013 om 22:16
Bedankt voor deze documentaire. Als 3e generatie is de berisp tijd nooit in onze familie uitgelegd. De verhalen zijn van voor de oorlog en het vertrek naar NL. Wat in de tussen tijd was gebeurt werd niet over gesproken. Nu de documentaire te hebben gezien heb ik zoveel respect voor de 1e en 2e generatie. Die ons nog hebben opgevoed om zo goed mogelijk in de maatschappij te functioneren. Doch met behoud van mooie verhalen over Indie, ondanks de verschrikkingen die ze hebben moeten doorstaan. Nogmaals RESPECT. Hoop dat er ooit erkenning zal komen van hun pijn,verdriet en doortastheid om de 3e generatie in een land te laten leven waar ze in vrede en harmonie leven. Ik ben net terug uit Indonesie voor de eerste keer samen met mijn moeder. Naast de alleen mooie verhalen over haar jeugd is er toch altijd de schaduw die er heerst waar niet over word gesproken. En uit respect vraag ik ook niet.
Bedankt Pia voor dit stukje geschiedenis wat ik ook over zal brengen aan de nieuwe generatie. Zodat hun dat weer overbrengen aan hun kinderen.
En we blijven vechten voor vrede en verdraagzaamheid amongst eachother. God Bless You.
Hanny Smit17-12-2012 om 16:26
Wat een verschrikkelijke, onderbelichte periode.Dank zij uw programma is er voor de nabestaanden meer openheid van zaken gekomen waardoor er ondanks het verdriet, erkenning is.
Zelf was ik op de hoogte van deze geschiedenis. Mijn moeder Julia, Leonora Sinsu ,dochter van Mevr.L. Sinsu heeft het verhaal aan mij verteld.
Toen ik echter het dossier van mijn oma las, wist ik niet dat het zo wreed was.
Mijn moeder die zelf veel karakter had. Heeft mij deze wrede details bespaard.

Wat ben ik trots om een lid van de familie Sinsu te zijn!

Wat ben ik trots op mijn Oma!
Wilhelmina Möller-van Halewijn09-12-2012 om 16:37
Ik heb vandaag het Archief van tranen gekeken. veel informatie gekregen waarvan ik weinig wist. Wij waren na de oorlog van Halmahera in Semarang met de trein teruggebracht naar Soerabia. Daar met een paar families in lege huizen gezet. De pemoedas kwamen elke dag een paar keer met groepen door ons huis. de Ghurkas hebben ons net bijtijds terug in de Wijk gezet. Vandaar naar de haven gebracht en per schip naar Singapore gegaan.
Sanne den Braven04-11-2012 om 18:45
Beste pia van der molen,

Ik vond de documentaire erg indrukwekkend, de tijd na de documentaire blijf het in m'n hoofd spelen. Ik ben zelf een kleindochter van een Indië veteraan, mijn opa vertelde vroeger de verhalen genuanceerd als kind kon ik uren luisteren naar alle verhalen. Mijn oma vertelde heel af en toe wat voor een vreselijke tijd het daar is geweest. Na het overlijden van mijn oma vorig jaar vonden we stapels met foto's van de diensttijd van mijn opa. Mijn oma heeft vlak voor haar overlijden mij gevraagd om te zoeken. Ik ben gaan zoeken, ik begrijp nu beter waarom mijn opa zo ineens kwaad kon worden.. Of als hij weg droomde in paniek wakker werd.. Nachtmerries door die tijd.. Mijn oma zei altijd dat het kwam door zijn tijd in Indië.. Mijn generatie (ik ben van 1988) weet weinig tot niks van deze tijd, met recht de 'vergeten oorlog' al die gruwelijkheden die zijn gebeurt. Ik hoop dat mensen van mijn generatie nadenken en hun ouders voorouders meer gaan waarderen en respecteren.


U heeft de mensen een stem gegeven.

Met vriendelijke groet,
Sanne den braven

vankeizertotkorporaal.nl
Alice Oppenheim03-11-2012 om 12:35
Beste Pia van der Molen en Michiel Praal,

Wat een indrukwekkende en mooi gedraaide documentaire. Vakwerk dat 'plakt'. En zal blijven plakken, ook al heb ik deze ellende niet mee en doorgemaakt.
Zoveel empathie, niet alleen in de interviews maar ook in de montage komt niet vaak meer voor.

Ik zou graag willen meewerken aan dit soort programma's over het reële verleden.
Want ook in Nederland is er veel te vertellen over bijvoorbeeld de periode van na de oorlog waarin mensen zich ook losgeslagen gedroegen.
Het verliep anders maar liet onuitwisbare indrukken na op de burgers die nog leven en het zich kunnen herinneren.
Mochten jullie na deze serie weer energie hebben voor een volgend onderwerp dan zou ik daar graag over willen meedenken, ondanks een handicap die me veel thuis houdt.
Het is nodig, ik kom veel oudere mensen tegen die me van alles vertellen over vroeger. Naarmate ze ouder worden komen die herinneringen in geur en kleur terug.
In mijn dorp Bussum is meer dan 25 % van de bewoners ouder dan 65 jaar. Programma's voor die groep zijn hard nodig.
En zo mooi en vol begrip voor het slijten van verdringing en neurose mechanisme heb ik de waarheid zelden in beeld gebracht zien worden: prudent en intelligent.

Dank!

Alice Oppenheim
oud AVRO en Elsevier
Ellen Geerts-de Bats03-11-2012 om 12:32
Dit zijn de verhalen van mijn vader, Carlo de Bats (geb. in 1914, Cheribon) en van mijn moeder (geb. in 1922, Bandoeng). Beiden leven niet meer, maar ik heb nu de kans om deze verhalen door te vertellen. Helaas kan ik dus niet meer overdragen.

Mijn moeder heeft in WO II Nederlands-Indie in Bandoeng buiten het kamp geleefd. Zij en haar moeder verdienden o.a. de kost door koekjes te bakken en te verkopen. Mijn moeder deed aan verzetswerk. Zij was toen ongeveer 18 jaar oud, zat op de middelbare school, AMS (die in de oorlog gesloten werd) en gaf Nederlandse les (verboden door de Jappen) aan meisjes, die met breiwerkjes bij haar thuis kwamen (onder de mom van breiles). Helaas werd zij door een buurvrouw verraden (zij heeft nooit geweten wie dat was), en werd opgepakt door de Japanse Kempetai. Bij het kantoor aldaar moest zij bijna een hele dag op een tegel in de brandende zon staan zonder te drinken te krijgen. Door steeds op een steentje te zuigen, heeft zij haar dorstgevoel met speekselvorming weg kunnen krijgen. Laat op de middag mocht zij tot haar verbazing naar huis. Het blijkt, dat kort geleden de atoombom op Nagasaki was gevallen. Zij is er nog steeds dankbaar voor. In de bersiaptijd heeft zij een groot dosis geluk gehad, dat zij en haar moeder gespaard zijn gebleven. Een paar keer zijn zij van verblijfplaats gewisseld, omdat bekend stond, dat een bepaald huis een mogelijk doelwit zou zijn. Huiveringwekkend vond zij de strijdkreten die de horden pemoeda's bij hun moordpartijen lieten horen als zij op zoek waren naar slachtoffers. Een aantal kennissen van mijn moeder en oma werd inderdaad koelbloedig vermoord.

Hierbij het verhaal van mijn vader over zijn ervaringen in WO II Nederlands-Indie en de bersiaptijd. Mijn vader zat grotendeels in het Jappenkamp (spoorweg Pakan Baroe, op Sumatra). Daarna heeft hij gediend bij de gevechtseenheid infanterie van het KNIL Hij heeft zich nooit bitter uitgelaten over Japanners of Indonesische nationalisten. Het is de geschiedenis geweest, die daar was. En hij heeft altijd met eigen zelfverantwoordelijkheid ingegrepen als dat nodig was.

Mijn vader, een Indische jongen, Carlo de Bats, geboren in 1914 in Cheribon, was voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog in Nederlands-Indie werkzaam bij het KNIL (Koninklijk Nederlands Indisch Leger). Hij was burgerambtenaar bij de Luchtmacht (technische dienst). Tijdens het Japanse krijgsgevangenschap heeft hij gewerkt aan de spoorweg op Sumatra, de Pakan Baroe. Het was daar een hel geweest. Maar als jongen is hij opgegroeid op de suikerrietplantage van zijn vader, waar hij als tweede kind en oudste zoon (van twaalf kinderen) een spartaanse opvoeding kreeg. Die harde opvoeding heeft hem gered en geloodst door de verschrikkingen van de oorlog. Hij moet zich in dat kamp echt gedragen hebben als een kwajongen, om te overleven. Zo stal hij regelmatig eten van de Jappen. Zo was er eens een groot alarm in het kamp, waarbij iedereen naar buiten en in rijen moest gaan staan. Een haan van de commandant was verdwenen. Mijn vader had dat beest tussen zijn linker grote teen en zijn andere teen en probeerde hem in de modder te verstikken. Wat lukte. Met andere gevangenen hebben ze daarna genoten van het maal. Er werd ook slangen- en apenvlees gegeten. Een grappige anekdote was deze: de padre oftewel de pastoor was, zeg maar, tot chef-kok gepromoveerd. Hij zou een bouillon maken van een aap die de mannen hadden gevangen. Mijn vader kwam even kijken hoe hij dat deed. Hij schrok zich rot, omdat de aap niet gevild en in stukjes gesneden was maar in zijn geheel in de pot gegooid was. Tegen Japanse bewakers vertelde mijn vader dat hij piloot was op een jachtvliegtuig. Met gebaren maakte hij duidelijk dat hij Japanse gevechtsvliegtuigen neergeschoten had (wat dus niet waar was). Maar de bewakers geloofden hem en daardoor kreeg hij gratis sigaretten, die hij ook deelde met anderen. Natuurlijk kwam hij verzwakt vandaan uit het kamp. Want ook hij werd weleens op zijn zoektochten naar eten gesnapt, en gemarteld. Maar hij was geestelijk gesterkt, omdat hij het overleefd had. Daarom gaf hij na de Japanse bezetting gehoor aan het KNIL, om de gelederen te versterken bij de gevechtseenheid van het KNIL. Mijn vader stond namelijk bekend als scherpschutter. Een anekdote was dat de inlandse nationalisten en Nederlanders heel vaak in een patststelling kwamen. Met een groot niemandsland tussen hen in, zat dan een inlander de Nederlanders op de wallen uit te dagen. Er werd dan aan mijn vader gevraagd om die man van een grote afstand neer te schieten. Zo werd hij scherpschutter bij de infanterie tijdens de politionele acties en bersiaptijd. Over die tijd heeft hij niet zoveel losgelaten. Maar volgens eigen zeggen ontving hij daarvoor een medaille en een financiele toelage van het KNIL. Hijzelf heeft nooit bij de andjing nica gezeten (het bataljon waar vele indo's en molukkers zich bij aansloten om hun vrouwen en kinderen te beschermen tegen de massamoorden begaan door de pemoeda's, de inlandse nationalisten), maar hij kent wel de ontwerper van dat hondenkopembleem, ene Amade. Diens zoon kwam in Nederland vaak bij ons op bezoek. Het KNIL bataljon Infanterie V ontving spoedig na oprichting eind 1945 te Bandoeng van de tegenstanders de scheldnaam Andjing NICA (andjing is Maleis voor de onreine (christen)hond, NICA was de naam van het terugkerend Nederlands-Indische Gouvernement ; Netherlands-Indies Civil Administration). Infanterie V koos de scheldnaam echter tot erenaam hetgeen tot uitdrukking werd gebracht in het mouwembleem. Een dreigend grommende hondekop, ontworpen door soldaat E.C.E. Amade.
De vader van mijn vader, opa Gustaaf de Bats, planter, is in 1947 overleden in het nationalistenkamp Wonopringo, Pekalongan. Hij was 58 jaar oud, en stierf aan onbehandelde ziekte, gebrek aan medicijnen en ondervoeding.

Met vriendelijke groet,

Ellen Geerts-de Bats
Jacques Luiken03-11-2012 om 12:28
Geachte Mevrouw van der Molen,

Mijn naam is Jacques Luiken en ben geboren in 1953 dus toen indonesie al onafhankelijk was. Maar nederlands indie leefde voort in mijn familie. Mijn vader was leraar aldaar (in Semarang). Mijn vader en moeder en hun twee zoons zijn ondergebracht geweest in het kamp. Mijn broers kan zich de bersiap periode nog goed voor de geest halen. Onder meer dat zij onder militaire begeleiding (jeeps) naar school werden gebracht. Zo nu en dan hadden de permoeda's ijzerdraad over de weg gespannen. Na 1950 zijn mijn ouders teruggekeerd naar Nederland, een zeer kille ontvangst, hun komst werd niet op prijs gesteld..Mischien is dat waarom de bersiap periode onderbelicht gebleven is. Uw documentaire heb ik met veel belangstelling gevolgd. Subtiel, zonder jacht op spektaculaire beelden.Het is in u te prijzen dat u na 67 jaar aandacht daar aan schenkt.

Met vriendelijke groet
Jacques Luiken
Ruud en Marga Lapré03-11-2012 om 12:26
Lieve Pia, beste Michiel,

De documentaire heeft Marga en mij diep gegrepen. Wat is het mooi en moedig van jullie om gebeurtenissen van veraf, en voor sommigen belegen, een menselijk gezicht en actualiteit te geven. Eerlijk en integer.
De inhoud laat mij niet los door het vele dat het bij ons heeft opgeroepen en losgemaakt.

Hulde,

Ruud en Marga Lapré
Ger de Jong03-11-2012 om 12:19
Beste Pia,

We hebben elkaar in het verleden ontmoet toen ik nog voorzitter was van VOMI -Zuid-Holland-Zuid en we als VOMI-Nederland vergaderden in Bronbeek. Ik heb toen ook de DVD gekocht "Vrijwillig voor het Vaderland".
Zelf ben ik als OVW-er drie jaar in voormalig Nederlands-Indië geweest en heb over die periode en mijn werk als veteranenbelangen-behartiger en als initiatiefnemer van vele Indiëgedenktekens in veel plaatsen door heel Nederland, mijn memoires te boek gesteld. Ik kon dat doen aan de hand van de vele patrouille- en inlichtingenrapporten, die ik vanuit de Oost had meegenomen.

Het door mijzelf gemaakte boekwerkje is in het bezit van het N.I.M.H. en van het veteraneninstituut. De rapporten zijn opgenomen in het archief van het N.I.M.H.

De afgelopen weken ben ik benaderd door de NOS en door Nieuwsuur om mijn mening te geven over het onderzoek dat het N.I.M.H. en het N.I.O.D en nog een Instituut voor landenkunde willen gaan uitvoeren om meer gegevens boven tafel te krijgen over de gedragingen van de Nederlandse militair (of liever gezegd de misdragingen). Ik heb ze gewezen op de vele boeken die al zijn geschreven en dat men toch niet meer boven tafel krijgt wat er zich echt heeft afgespeeld, in het bijzonder van de misdragingen van de pemoeda's, de vele ongeorganiseerde terreurgroepen als de Hisbulla, de Daroel Islam enz.
Onze landelijk voorzitter, de heer Leen Noordzij, heeft daar in de Volkskrant prima op gereageerd.

Het is daarom geweldig dat jij nu met deze documentaire aan het licht brengt hoe in de bersiap periode de Indonesische pemoeda 's en ook ander terreurgroepen zich ten opzichte van de Nederlandse, Indo-Nederlandse en ook de Chinezen op een afschuwelijke wijze hebben misdragen. Ook hebben we dit kunnen waarnemen als we op patrouile waren en soms door de eigen bevolking vermoorde kampongbewoners aantroffen.

Met Sjoerd Lapré had ik een prima contact en tijdens de lezingen die hij voor ons veteranen hield verkondigde hij steeds weer dat dank zij de aanwezigheid van de Nederlandse militair vele Nederlanders die nog in de kampen verkeerden konden worden gered uit de handen van de pemoeda's.

Met jouw documentaire kan de Nederlander eindelijk kennis maken van hetgeen zich in de bersiap periode heeft afgespeeld.

Bij het aanschouwen van al die verschrikkelijke beelden heb ik de ogen niet droog kunnen houden en gaan de herinneringen onwillekeurig terug naar de tijd, waarvan men in Nederland nog steeds niet weet, wat onze ervaringen zijn geweest. Veel hulp hebben we kunnen verlenen aan de verwaarloosde bevolking. Patrouilles gelopen onder vaak moeilijke en levensbedreigend omstandigheden enz.

Nogmaals mijn complimenten, mede namen de vele veteranen die ik nog steeds mag vertegenwoordigen.

Met vriendelijke groeten,

Ger de Jong
Erelid VOMI-Nederland
Erevoorzitter VOMI-Zuid-Holland
Vice-voorzitter Bond van Wapenbroeders Afdeling Zuid-Holland-Zuidoost
Wim Elgers03-11-2012 om 12:15
Ik heb het programma gezien Archief van tranen. Mijn complimenten over de wijze van brengen. Hopelijk heeft links Nederland, de politiek en advocatuur hier ook na gekeken hebben en daar nog een serieus over nadenken wat ze door hun instelling over die tijd de BV Nederland en de veteranen in het bijzonder hebben aangedaan.

Wim Elgers BK
Secretaris/penningmeester Vereniging Dragers
Militaire Dapperheidsonderscheidingen
Harmen Huidekoper03-11-2012 om 12:12
Geachte mevrouw van der Molen,

Zojuist heb ik het eerste deel van uw documentaire mogen zien.
Zelf ben ik één van de overlevenden van het zogeheten Goebeng transport. Als jongetje van vier heb ik dit meegemaakt, samen met mijn moeder, grootmoeder, en oudere broer.
Geluk hebben we gehad dat we het nog kunnen navertellen, alhoewel niet zonder kleer- scheuren, zowel aan de buitenkant als aan de binnenkant.
Inmiddels zijn mijn moeder, grootmoeder en broer overleden.
Diep heeft de uitzending mij geraakt.
Groot respect wil ik uitspreken voor de wijze waarop u aandacht geschonken heeft aan deze vergeten Bersiap periode met al zijn gruwelijkheden.
Het zou mij wat waard zijn, wanneer beide delen op een gegeven moment op dvd verkrijgbaar zouden zijn, zodat ik dit als document aan de volgende generatie door kan geven.
Zelf kan ik mij er niets meer van herinneren, misschien maar goed ook.
Heel hartelijk dank voor de aandacht, die dit leed dankzij uw documentaire geschonken wordt.
Dat doet je goed! Het is nooit te laat.
Hartelijke groeten,

Harmen J. Huidekoper
(geboren 19-01-1941 te Batavia)
Wim Nieuwenhuijs06-10-2012 om 14:02
Heb de documentare gezien en vind het heel belangrijk voor het nageslacht! Wijlen mijn echtgenote heeft de bersiaptijd meegemaakt als jong meisje na haar kamptijd! Ben zelf als militair in Indie en Nieuw-Guinea geweest.Ik heb diep respect voor allen die het niet hebben mogen overleven!
Anton01-10-2012 om 20:18
Ik heb middenin de bersiap tijd gezeten en kan erover meepraten wat je doormaakt.De avonden als je thuis zit te wachten, wanneer de moorden de bendes je tuin binnen komen,om je op te halen.Jehad niets om je te verdedigen je was aan hun willekeur overgeleverd.De hele straat is tenslotte toch door de Alri(Angkatan Laut Republik Indonesia) 9de indon marine opgehaald. Eerst naar de Simpakclub gelukkig ging dat niet door.Toen naar de Bubutan gevangenis "Penu"(vol).Naar Kalisosok(Werfstraat). Daar hebben wij(ik&mijn broers)spitsroeden moeten lopen.Het pad naar poort stonden de opgezweepte pemoedas met messen,klewangs en bamburunting te schreeuwen en te schelden.Dat was even slikken. Wat moest je doen om ongeschonden erdoor te komen.We hebben elkaar een hand gegeven en gezegt "Nu". Gerend naar de ingang van de gvangenis.Werden opgesteld en werden naar een persoons cellen gedreven.Met ong.10man de cel in.Er waren ong.7-een persoons cellen. In die cellen hebben we 7-dagen gezeten met mate aan drinkwater. De ruimte was zo klein dat je hurkend of staand moest slapen.De bewakers liepen langs de cellen en als ze iets kwaads hadden gewild dan hadden ze van ons sate kunnen maken met hun bambu speren.
Gelukkig werden we overgeplaats de 6-pres. cellen 'blok ketjil".We werden met20-man in een 6-pers.cel gestopt.Je een gevlochten mat en je sliep op de grond en je kleren wat je extra mee had genomen als hoofd kussen.We kregen erg weinig eten en mochten ook buiten de cel tot zes uur en dan de cel in tot de volgende dag. Op een gegeven moment waren dee bewakers onrustig. Surabaia werd vanuit de haven beschoten door de oorlog schepen van de Engelsen.De geopende beziene drums werden de blokken binnen gereden.Voor elke cel kwam ereen te staan.Toen ze weg ware n hebben we geprobeerd om met de binnendeur de buitndeur terammen.Dat was energie verspilling.Constant vlogen de granaten over ons richting de stad. 'sMorgens werde we gewekt door het geluid van rupsvoertuig.Twee schote achter elkaar,we zaten in het laatste blok vlakbij de buiten muur.Een rode gloed kwam via de lucht gaten naar binnen.Er brak een beetje paniek uit omdat een gevangene in de laatste cel schreeuwde "Brand".Gelukkig was baksteen gruis. De tank had een heel groot gat in de muur geschoten en daar kwamen onze bevrijders de Gurka's binnen.Twintig man met een Nederlands officier "Jack Boer".Die pas na zijn dood geridderd werd.Hij heeft ong. 3000 gevangenen uit de Werfstraat gered en naar het Marine etablissement Morokrembangan aan de haven gebracht.Toen begon de strijd om Surabaia.Het was heel erg.
Langzaam werd Surabaia gezuiverd door de Engelsen tot aan de Wonokromo brug.Dat was de grens.In heel Surabaia was geen Indonesier te bekennen. Ze waren allemaal het binnenland ingevlucht.
Een paar mensen uit onze straat zijn erheen gegaan om te zien hoe de huizen ervoor staan.De vrouwen waren er niet.Die zijn het binnenland ingevoerd zgn ter bescherming tegen de Engelsen in kampen gestopt.
Ze zijn er gebleven en hebben de huizen schoongemaakt.Toen de stad vrij werd gegeven door de Engelsen kwam het normale leven weer terug.Vele gebouwen zoal "Raad van Justitie"is in puin geschoten.De Engelsen hebben het hard te verduren gekregen om Surabaia te veroveren.
Ons gezin kwam langzaam weer bij elkaar.Helaas zijn twee broers niet meer teruggekomen. Een broer ligt op de Grebbeberg in Rhenen en een broer ligt opde Erebegraafplaats Kembang Kuning te Surabaia.
Ik ben de enigste van familie die dit jaar aan zijn graf heb gestaan.Het was voor mij een heel emotioneel moment na 62 jaar daarte zijn.
Mevr. van der. Molen,. U moet de documenten van Jack Boer openbaar maken,wat de Indonesiers onschuldige vrouwen,kinderen en mannen hebben vermoord.Doorgaan zodat de Nederlanders weten wat daar allemaal gebeurd tijdens de bersiap.
VR.GR$ Ton
Van Uhm30-09-2012 om 15:52
De documentaire was hard nodig en ik wil de makers bedanken dat ze de stap hebben durven zetten.

Mijn hoop is dat de Indische gemeenschap de moed zal vinden om zijn verhaal te vertellen, niet alleen in Nederland maar ook in Indonesie.

De Indonesische ambassadeur om opheldering van de hedendaagse verering van massamoordenaar "Bung" Tomo vragen zou een eerste stap kunnen zijn.
Ewald Turpijn18-09-2012 om 12:11
Geachte mevr. van der Molen,

Enkele dagen geleden heb ik de documentaire "Archief van tranen gezien".
In deel 2 kwam een verklaring voor van mijn moeder Paulona Turpijn-Bastiaans.
Was toch heel bijzonder en heftig om te lezen hoe ze die vreselijke dingen beschreef.
Ik was toen 3 jaar en heb dit alles meegemaakt, maar herinner er mij gelukkig niets meer van.
Wij wisten dat mijn grootouders vermoord waren, maar wisten niets van het bestaan van het document.
Ik heb hierover een paar vragen:
- wordt er nog meer verteld in het document.
- waar is die opgesteld.
- kan ik een kopie van het document krijgen.

Met vriendelijke groeten,

Ewald Turpijn

<<< Antwoord Pia van der Molen >>>

Geachte heer Turpijn,

Dank u wel voor uw bericht.
De gehele verklaring van uw moeder mevrouw Paulona Turpijn-Bastiaans kunt u vinden op: www.archiefvantranen.nl , daarna klikt u het kopje dossier aan, en daarna klikt u aan dossier nr. 052A,B en C. Daar vindt u de verklaring van uw moeder en u kunt deze verklaring ook printen.

Een hartelijke groet
Pia van der Molen, documentairemaakster

<<< Reactie Hr. Turpijn >>>

Het dossier 052A,B,C heb ik vanmorgen gelezen.
Ik weet nu zeker dat ik bij de vreselijke moordpartij aanwezig was ("wij speelden op de grond met de kinderen" zie de verklaring).
Mijn moeder heeft hierover nooit gesproken en ik heb nooit de moed gehad om erover te beginnen.
Ze is op haar 40ste jaar overleden, dus dit bleef voor mij een groot geheim.
Haar uitgebreide verklaring bracht wat licht in de zaak voor mij en mijn kinderen.

Ik wil U bedanken voor het openbaar maken van het dossier en voor de prachtige documentaire.

Vriendelijke groeten,

Ewald Turpijn
W.A.H. (Andy) Voogd18-09-2012 om 12:03
Geachte mevrouw Pia van der Molen,

Graag laat ik u weten ongelooflijk geraakt te zijn door de afleveringen "Archief van Tranen" die ik zag na terugkeer van vakantie. Ik ben op 14 augustus 1947 geboren in Bandoeng als zoon van een KNIL officier en hoewel ik te jong was om mij de gebeurtenissen in die tijd te herinneren hen ik daar indirect toch de gevolgen van ondervonden vanwege de zeer ingrijpende ervaringen van mijn ouders die inmiddels beide zijn overleden. De laatste jaren verzamel ik alle informatie die ik maar kan bemachtigen en voornoemde documentaires maken dan nu ook deel uit van mijn archief. Ik zou ook graag uw documentaire over Jac Boer willen hebben. Indien u mij daarmee kan helpen of kan vertellen hoe ik daaraan kan komen (kopen van een DVD?) zou ik daar heel blij mee zijn.
Ik denk dat u velen die die gebeurtenissen hebben overleefd en nabestaanden een hele grote dienst hebt bewezen want u hebt aandacht gegeven aan een periode en gebeurtenissen waar in Nederland tot nu nu weinig tot geen aandacht voor was. Misschien ligt het aan mijn gebrek aan kennis, maar ik vind veel informatie helaas te fragmentarisch. Ik ken geen compleet werk waarin goed tot uiting komt de volgtijdelijke samenhang van gebeurtenissen. Indien u mij daarin aanwijzingen naar documentaires kan geven zou ik daar ook heel blij mee zijn.

Nogmaals, ik dank u voor uw documentaires over het Indië in de periode 1945 tot 1950. Bij ieder keer dat ik kijk stromen mij de tranen over de wangen maar ik zou het niet willen missen. Tranen wassen immers de ziel?

Met vriendelijke groet,

W.A.H. (Andy) Voogd
Ria Speerstra18-09-2012 om 12:00
Beste mevrouw van de Molen,

Met afgrijzen heb ik uw documentaire 'Archief van tranen' gezien. Ik vond het zeer heftig, maar wel heel goed dat deze kant van die oorlog in Nederlandsch-Indië ook in beeld wordt gebracht.
Mijn opa was oorlogsvrijwilliger bij het Friesch Bataljon en ging naar Indië om iets goed te doen, namelijk de Nederlanders daar beschermen. Maar bij thuiskomst werden ze met de nek aangekeken. Zijn goede bedoelingen zijn nooit zo begrepen, door het politieke spel wat er achter deze oorlog zat. Dat zijn hulp om de Nederlanders te beschermen nodig was, blijkt wel uit uw documentaire. En al jaren wordt er gesproken over de Indische slachtoffers en de gruweldaden van de Nederlanders, naar mijn mening niet vanuit het perspectief van die tijd.

Het onderzoek naar deze oorlog, waar de laatste tijd veel over gesproken wordt, brengt veel los. Mijn opa kan zich niet meer verdedigen, zoals velen, en mijn oma vindt het verschrikkelijk dat dit steeds weer wordt opgerakeld. Ook mijn moeder en ik hebben het er regelmatig over. Wat ik heel graag zou willen is dat bij het onderzoek naar deze oorlog ook de zijde wordt belicht die u heeft laten zien in uw documentaire.

Bedankt voor het maken van deze documentaire. Het geeft toch enige rust bij ons, dat de inzet van mijn opa voor deze mensen niet voor niets is geweest.

Met vriendelijke groet,

Ria Speerstra
Ilse Wijk18-09-2012 om 11:29
Beste mw van der Molen,

Een aantal weken geleden heb ik uw documentaire bekeken. Met grote schok hoorde ik het verhaal dat mijn vader ons altijd vertelde. Mijn vader Eduard Christiaan Wijk is in 1922 geboren in Lebaksiou in het gebied Tegal. In Balapulang liggen in een massagraf de broers en zusjes van mijn vader. Een foto, een wit kruis met namen, allemaal Wijk was altijd goed zichtbaar in het huis van mijn opa en oma. In Balapulang zijn mijn ooms en tantes, toen nog kinderen op brute wijze om het leven gebracht en in de put gegooid. Inderdaad door de Chinese buren geholpen hebben een aantal aan de dood kunnen ontsnappen. De naam Lapre was bij mij ook bekend. Het was schokkend maar ook "fijn" om te zien dat het verhaal verteld wordt.

Mijn opa van moeders kant is vermoord door de Jappen en ligt op het Ereveld in Indonesie, wij zijn daar samen geweest. In Balapulang, Lebaksiou en omgeving ben ik nog niet geweest maar dat staat hoog op de lijst.

Graag zou ik willen weten of de put en waar de put precies staat en mocht u verder nog gegevens hebben over de kinderen Wijk, dan hoor ik dat graag.

Met dank en vriendelijke groet,
Ilse Wijk
Ingrid Noppen18-09-2012 om 11:27
Hierbij spreek ik mijn grote waardering uit voor 2-delige serie Archief van tranen.
Als dochter van een Indisch Nederlandse moeder en een Nederlandse vader die daar toen als MP (militaire politie) naar was uitgezonden, weet ik wat die verschrikkelijke periode voor mijn moeder heeft moeten betekend.

Zij heeft maar heel weinig kunnen vertellen over die tijd en nu zij helaas is overleden, begrijp ik pas hoe het erover vertellen voor haar een wrede terugkeer zou hebben betekend naar al die wreedheden van toen.
Dat u als enige in al die jaren gesloten archief heeft willen openen, daarvoor wil ik u bij deze bedanken!
Het heeft mij mijn overleden moeder nog beter doen begrijpen. Met tranen heb ik de afleveringen kunnen bekijken.
Dank daarvoor, Pia.

Met vriendelijke groet,

Ingrid Noppen
Louise Molhoek-Huigens18-09-2012 om 11:25
Met ontroering heb ik de uitzending bekeken met de toepasselijke naam:Archief van tranen.
Omdat ik als Indisch meisje deze oorlog aan den lijve meemaakte (in Bandung) en er eigenlijk nooit met Nederlandse mensen over kon praten, ben ik blij dat er iemand is die verwoordde wat er gebeurd is in die vreselijke tijden. (geboren in 1941, als kind ondergedoken gezeten in Bandoeng, mijn vader was geïnterneerd, evenals mijn Grootvader die is gestorven bij de Pakan Baru).

Tijdens de Bersiap en de Politionele acties was mijn Hollandse vader politie-inspecteur op Java en Zuid Sumatra en moesten als persona non grata naar Nederland ,eind 1950.

Nogmaals mijn hartelijke dank dat er eindelijk aan het licht is gekomen wat er echt gebeurde.
Vriendelijke groeten

Louise Molhoek-Huigens.
Audrey J. van der Linde18-09-2012 om 11:23
Geachte mevrouw Van der Molen/beste Pia,

Hartelijk bedankt voor de documentaire "Archief van Tranen".

Ik ben zelf half-indo, en ook mijn familie zweeg voor het grootste deel over hun ervaringen in WO2 en de Bersiap. Helaas zijn mijn opa en oma al overleden en mijn moeder weet zich maar flarden te herinneren (was nog erg jong), maar duidelijk wordt wel wat de echte reden voor de meeste Indo's was om Indonesië te ontvluchten. Helaas, in Indonesië waren ze 2e rangs, maar in Nederland ook!
En als ik dan de regelmatig terugkerende roep om excuses en restitutie voor de daden van de Nederlandse militairen hoor, dan draait mijn maag en vraag ik me af of de Europeanen en Indo's van toen nu ook excuses en restitutie krijgen...
Kan dit hoofdstuk dan eindelijk gesloten worden, waarbij iedere partij hand in eigen boezem steekt en ophoudt met de vinger naar het verleden te wijzen.

Overigens, het boek "Asta's ogen" heeft mij ook een goede blik gegeven op zowel het indo-zijn, maar ook de geschiedenis. Ik heb het boek vanaf de 1e pagina tot de laatste met een grote glimlach gelezen, zoveel herkenning met de verhalen die wél in de familie werden verteld.

Nogmaals, bedankt voor de heldere documentaire en ik hoop binnenkort ook uw andere documentaires te kunnen zien.

Met vriendelijke groeten,
Audrey J. van der Linde
Henk Beekhuis06-09-2012 om 20:31
Beste Pia van der Molen,

Wij (mijn vrouw, in Indië tijdens Japanse bezetting en Bersiap, en ik) hebben de beide documentaires "Archief van Tranen" gezien en wij waren diep onder de indruk. Je hebt de afschuwelijke gebeurtenissen uit de Bersiap op een volkomen verantwoorde wijze neergezet. Nederland heeft nu ook de excessen van de Indonesiërs tegenover de Nederlanders kunnen zien (in plaats van alle berichten over de excessen in omgekeerde richting). Jouw boodschap kwam juist op het goede moment.

Ik heb grote bewondering voor jullie achterliggende onderzoek naar de feiten, de omstandigheden en getuigen van de misdaden. Dat moet heel wat energie en emoties gekost hebben om die gegevens te verzamelen en vervolgens op zo'n prachtige manier in een film neer te zetten. Mooi, dat de beide delen op de televisie werden uitgezonden rondom 15 augustus. Nu hopen we maar, dat veel Nederlanders het gezien hebben.

Mijn vrouw was vaak ontroerd over jouw empathische omgang met de mensen, die jou deze afschuwelijke verhalen wilden vertellen. Wat heb je dat mooi gedaan!

Met vriendelijke groet,

Henk Beekhuis
www.japanseburgerkampen.nl
www.japansekrijgsgevangenkampen.nl
www.bersiapkampen.nl
Hilma Bruinsma02-09-2012 om 17:32
Beste Pia van der Molen,

Heel hartelijk dank voor het Archief van tranen. Sinds enige tijd ben ik bezig met mijn ouders correspondentie uit de tijd van de politionele acties. Ook mijn vader had zich vrijwillig gemeld. Mijn moeder bleef met mijn oudste broer en oudste zus op komst, thuis.
Zij schreven elkaar dagelijks. Ik heb altijd geweten dat ik met hun brieven, die als een taboe achter slot en grendel bewaard werden in het theemeubel, 'iets' zou doen, zonder precies te weten waarom. Al doende wordt mij dat steeds duidelijker.

Ons gezin van acht kinderen, was zich min of meer bewust dat wij te maken hadden met een vader, die niet was zoals hij had kunnen zijn. Als jongste van deze acht was ik mij daarvan misschien het meest bewust. In ieder geval, het idee dat de Indiëtijd sporen met gevolgen op hem naliet, was de hoofdreden om aan de slag te gaan. Zijn verhaal moest verteld worden, hij moest 'bevrijd' worden.

In de loop van het proces plaatste ik een oproep in Checkpoint Charlie, het veteranenblad. Zo kwam ik in contact met enkele mannen die mijn vader hebben gekend in die periode.
Door die contacten werd een beeld geschetst, het besef groeide over wat daar allemaal gebeurde of gebeurd kon zijn. Wat zij vertelden bracht het dichtbij, begrijpbaar, hoe erg soms ook, toch in dagelijkse en menselijke proporties.
Dat is denk ik de kern, dat alleen verhalen van degenen die het meemaakten, zorgen voor herkenning en voor erkenning. Vooral deze verhalen geven inzicht in de enorme gevolgen van blootstelling aan extreme situaties, zoals oorlog.

Dat is de ene kant. Van de andere kant heeft mijn schoonfamilie de bersiap periode aan den lijve ondervonden. Mijn schoonmoeder vertelde daar wel eens iets over, meer in algemene zin. Zij en haar ouders zaten, in verschillende, interneringskampen. Mijn schoonvader zat bij de Birmaspoorlijn en zijn ouders hebben beiden de interneringskampen niet overleefd.

Bij het zien van Archief van tranen, stroomden de tranen over mijn wangen. Wat hebben mijn schoonouders en hun ouders allemaal doorstaan? Wat hebben zij en al die mensen mee moeten maken.
Wat een afgrijselijke geweldspiraal heeft zich afgepeeld en wat zijn de gevolgen groot, nu nog steeds.
En ook besef ik des te meer, meer dan ooit tevoren, hoe wonderlijk het is dat de lijnen van mijn ouders en schoonouders elkaar kruisen op Java.
Dat alles ging, niet zo netjes geordend natuurlijk, door mij heen bij het zien van deze beelden van mensen met hun verhalen in Archief van tranen.

Uw Archief van tranen geeft ruimte aan deze verhalen, geeft ruimte voor herkenning en erkenning én uw archief slaat een verbinding in de geweldspiraal van actie en reactie, van bersiap en politionele acties. Voortaan van grote waarde bij het opdoemen van schuldvragen.
Uw archief maakt het verhaal compleet en is misschien wel het eerste begin waarmee uiteindelijk het boek Nederland en Indië op de juiste manier gesloten kan worden.

Ik wil u heel erg bedanken dat u Archief van tranen heeft willen en kunnen maken, en ik hoop dat het in positieve zin gevolgen heeft voor allen die er mee te maken hebben.

Met groot respect,

Hilma Bruinsma,
dochter van Klaas Bruinsma en Janke Bruinsma-Venema
schoondochter van Ferry Lonissen en Erna Lonissen-Van Domburg Scipio

Vorderingen rond de correspondentie van mijn ouders uit hun Indiëtijd, en wat daarbij op mijn pad komt, hou ik bij in de blog Taboe in het theemeubel. http://www.puntaal.nl/?q=node/5
Ephraima de Kluijver29-08-2012 om 22:32
Door mijn moeder gewezen op de uitzending Archief van tranen. Ik heb met afschuw gekeken hoe de mensen behandeld zijn in de Bersiaptijd. Als kinderen van een moeder die het meegemaakt heeft vallen voor mij in ieder geval heel langzaam de puzzelstukjes van mijn jeugd op zijn plaats. Het enig overgebleven kind Engelenburg was onze tante Roos. Nichtje van mijn moeder. Dus op de begraafplaats liggen de neefjes en nichtjes van mijn moeder. Nooit hebben mijn broers en zussen en ik de waarheid uit mijn moeder kunnen krijgen. Nu begrijp ik dat. Het is te afschuwelijk voor jonge meisjes om dat te moeten meemaken.Pas op latere leeftijd toen mijn moeder allang kleinkinderen had is ze hulp gaan zoeken. Daar hoorde ook een herstel reis bij naar Indonesië. Ook een bezoek aan de erebegraafplaats stond op het programma. Mamma kwam ontdaan thuis. Nooit hebben we geweten hoe de jeugd van mamma geweest is. Nu horen we zo af en toe hoe het geweest is en ook deze uitzendingen helpen ons daarbij. We wisten dat het gruwelijk was, maar dat het zo erg was hebben wij nooit geweten. Het moet een enorme impact op haar leven hebben gehad. Toch kijk ik terug op een gelukkige jeugd, die soms moeizaam was omdat mamma weer in de knoei zat.
Deze verhalen moesten verteld worden en ik dank jullie dat jullie dat op je genomen hebben.

Vriendelijke groeten.

Ephraima de Kluijver-Stöver
Henk Vinke27-08-2012 om 20:11
Geachte medewerker, Met interesse heb ik gekeken naar de tweede aflevering van "Archief van tranen". Het klonk me bekend in de oren. Net als nu in de islamitische wereld werd toen ook in naam van de islam dood en verderf gezaaid. Het valt de activiteiten van de Nederlanders niet goed te praten, maar die zijn niet te vergelijken met het afslachten van onschuldigen mannen en vooral vrouwen en kinderen. Een vriendelijke groet. Henk Vinke
Marguerite de Groot-Keuchenius27-08-2012 om 15:35
Beste Mensen,
Wij delen elkaars gevoelens en hoe belangrijk deze documentaire is. Ik wil er even op wijzen dat op https://omroepmax/archiefvantranen/gastenboek er ook heel veel info gegeven wordt en vragen gesteld worden. Heb via Max al gevraagd of onderling een link kan gelegd worden naar deze website of andersom want antwoorden op vragen zijn misschien ook daar te vinden of andersom... Vooralsnog raad ik u aan ook daar te kijken.
Hartelijke groet, Marguerite.
Hr.J.C. de Kanter27-08-2012 om 02:22
Aanvulling op mijn eerder verhaal van mijn ervaring van de bersiap in surabaja.Wat ik nu ga schrijven is niet zo fris.Ik was toen het gebeurde 13 jaar.Wij woonden toen 15 mtr. van de kali brantas schuin tegenover de braat fabrieken.In deze fabrieks gebouwen hadden zich veel pamoeda's verzameld.Aan onze zijde waren engelse en brits indische militairen met
lichte panzerwagens.Men schoot op elkaar en er vielen doden.Wij dachten door deze groep militairen te worden geholpen om te vluchten naar veiliger oorden.De commandant wees mijn moeder(indische)terecht met de opmerkimg dat wij half cast mensen waren en geen hulp krijgen.Mijn moeder eb de andere huisgenoten
waren erg kwaad en oom verdrietig.En zoals ik al eerder schreef zijn wij op eigen kracht in kleine groepjes bij de ebgelsen nabij het darmo ziekenhuis terecht gekomen.Maar dit weet ik niet meer zeker omdat ik mij een groot veld herinner waar voedsel werd gedropt.
Na een dag van veel geweld om ons heen,schieten,geschreeuw,gekerm en grote angst werden wij de volgende dag in vrachtwagens geladen.Moesten zo veel mogelijk op de grond zitten zodat men van buiten af minder te zien waren.Op iedere vrachtwagen was een gewapende pemoeda welke het mangat naast de chauffeur bemande.De algemene leiding had een pemoeda met zeer lang zwart haar die de bevelen gaf.Ik heb een naam horen noemen''untomo''.Wij reden langs de verbrande en verkoolde vrachtwagens onder begeleiding van een joelende en schreeuwende massa met bamboe speren gewapende mannen.Ik was zo bang dat ik in mijn broek plsste!
Aangekomen in de haven werden wij bij een witte streep over de weg overgedragen aan de engelse troepen.Ik heb duidelijk gezien dat een engelse officier een pamoeda(untomo) een
zak geld gaf!!!!
Vervolgens met een landings schip weg gevare en onderweg in de nacht over gestapt op een ander schip.Op dit schip lsgen zwaar gewonden op het dek in de zon!!Ik kan nu even niet verder als ik hier aan terug denk.SORRY
H D Brouwer26-08-2012 om 23:02
Mijn vader is geboren in 1942 te Padalarang Indonesie,mijn moeder in Jakarta als geboren europeaan zoals haar geboortecertificaat zegt, mijn opa is volbloed nederlands en mijn oma half belgisch en half indonesisch. Ik weet tot op de dag van vandaag niet hoe het komt dat zij allemaal op opa na gespaard zijn gebleven. Ik ga er wel achter komen op een 1 of ander manier.

Ik hou van Indonesie ook al ben ik een "mengelmoes". Vind het onmenselijk wat er allemaal gebeurd is tijdens de capitulatie. Daarnaast wil ik wel een stukje geschiedenis kwijt van de Kolonie van Nederland in voormalig Nederlandsch Indie.

De indonesiers hebben lang moeten strijden om het land terug te kunnen krijgen. Op de manier hoe de nederlanders zich gedragen hebben is niet goed te praten, evenals het zelfde gedrag van de pemudi's.

De relatie tussen Nederland en Indonesië is eigenlijk gebaseerd op de handel. Vanaf 1595, toen de eerste vloot vertrok naar Oost-Indië, werden er verschillende reizen ondernomen naar Indonesië. In Indonesië kon men producten krijgen die op de Hollandse markt erg zeldzaam of zelfs onbekend waren: specerijen, porselein, zijde, satijn, damast, sabels, edelstenen, goud en schilpaden. Ook brachten de peper, kruidnagel, nootmuskaat en foelie veel winst op voor de Nederlandse ondernemers. Om meer winst te maken werd in 1602 besloten tot samenwerking tussen de verschillende handelskamers. Dit resulteerde in de oprichting van de Verenigde Oostindische Compagnie Verenigde Oostindische Compagnie (VOC). De VOC kreeg van de Staten-Generaal het alleenrecht op de handel ten oosten van Kaap de Goede Hoop. Naast dit handelsoctrooi kregen zij ook politieke rechten: zij mocht zelfstandig verdragen sluiten, forten bouwen, oorlog voeren en gebieden besturen die zij zou veroveren.

De contacten tussen Nederland en Indonesië waren in het begin zakelijk en formeel. De verbondenheid was eigenlijk op politiek en economisch niveau. De sociale contacten en verbondenheid waren individueel. Door een tekort aan Europese vrouwen gingen de mannelijke kolonisten zich mengen met de Indonesische vrouwen en dit had "mengcultuur" tot gevolg.
De handelscontacten van handelaren uit heel de wereld leidden tot uitwisseling van ideeën en godsdiensten. Toen Nederland zijn intrede deed in de archipel kwam ook het Christendom op. Nederland stuurde, in tegenstelling tot andere landen, geen missionarissen naar het land om de Islamitische bevolking te bekeren tot het Christendom. De Indonesische bevolking voelde zich, qua religie, niet onderdrukt door de Nederlanders en dit heeft waarschijnlijk veel invloed gehad op de machtsontwikkeling van Nederland in Indonesië.
In de loop van de achttiende eeuw raakten de VOC in verval, als gevolg van groeiende concurrentie en kapitaalgebrek. In 1780 kwam de VOC door de Vierde Engelse oorlog in de rode cijfers. In 1799 waren de schulden zo ver opgelopen dat de overheid besloot de onderneming te liquideren en haar bezittingen en schulden over te nemen.



Een Nederlandse kolonie
Nederland wilde het alleenrecht op de handel en wilde daarom van het begin af aan conflicten voorkomen. Ze kwam tussenbeide bij bepaalde onderlinge conflicten en dit zorgde ervoor dat veel lokale machthebbers de Nederlanders binnenhaalden als een bondgenoot. In 1814 werd de term Nederlands-Indië ingevoerd. In 1922 werd het begrip Indonesië geïntroduceerd. Deze term werd gebruikt door Indonesische nationalisten die wilden laten zien dat Nederlands-Indië een natie was die onafhankelijk diende te zijn.

De kolonie bracht grote winsten voor de Nederlandse schatkist, maar om nog meer winst te halen uit de kolonie werd in 1830 het cultuurstelselcultuurstelsel ingevoerd, door Johannes van den Bosch. Hij vond dat "de koloniën bestaan voor het moederland, en niet het moederland voor de kolonie". De enige functie die de kolonie had was het vullen van de Nederlandse schatkist. De Nederlandse gezaghebbers hielden toezicht op de lokale regenten en inheemse leiders, die de bevolking bestuurden. Zo kwam Nederland dichterbij de bevolking te staan, maar ondanks dat groeide de ontevredenheid en onrust bij de Indonesische bevolking.
Het stelsel werd door de bevolking ook wel het "dwangstelseldwangstelsel" genoemd, wat aangeeft dat zij
het stelsel ronduit negatief ervaarde. De werkdruk nam toe en de inheemse economie, gericht op zelfvoorziening en regionale handel bleef bestaan.

Er werd kritiek op het cultuurstelsel gegeven, onder andere door Multatuli (E.D. Dekker) die het boek
"Max Havelaar" schreef.

......een roofstaat aan de Noordzee......
.....dat spoorwegen bouwt van gestolen geld en tot
betaling de bestolene bedwelmt met
opium, Evangelie en jenever...

Aan U durf ik met vertrouwen te vragen of het
Uw wil is dat daarginds Uw meer dan dertig
millioenen onderdanen worden mishandeld en
uitgezogen in UWEN naam?
Multatuli [1860] ...aan Nederland...Koning Willem III

....dat dorp stond in brand, omdat het veroverd was door Nederlandsche soldaten.......

Ja, t dorp was veroverd door Nederlandsche soldaten, en stond dus in brand.

Op Nederlandsche heldendaad volgt brand.
Nederlandsche overwinning leidt tot verwoesting.
Nederlandsche krygsbedryven baren wanhoop.

Toch heeft dit stelsel ook veel voordelen gehad voor de Indonesische bevolking; er kwam een einde aan voortdurende oorlogen; verbetering van de infrastructuur; boeren kregen betaald voor hun werk. Er werd veel geld geïnvesteerd in de tot dan toe vrijwel geldloze economie. Dit had als gevolg dat de welvaart toenam en ook de inheemse handel en bedrijvigheid groeide. De aanleg van het Nederlandse spoorwegennet werd gerealiseerd en de bouw van talloze bruggen werd door het cultuurstelsel bekostigd. Ook werden de Surinaamse slavenhouders ermee gecompenseerd door de afschaffing van de slavernij in 1863. Ondanks deze voordelen werd toch besloten het stelsel in 1870 af te schaffen, naar aanleiding van een hongersnood die grote delen van Java teisterde.

Nederland kreeg in de periode 1870 een steeds sterkere, hoofdzakelijk economische, invloed op Indonesië en dit had zijn effecten op de wederzijdse beeldvorming. Bij de inheemse bevolking groeide de afkeer tegen de Nederlandse bezetting. De Nederlanders daarentegen gingen de bevolking steeds vaker als hun minderen zien.

Na de afschaffing van het cultuurstelsel volgde er een tijd van politieke onthouding. Deze onthoudingspolitiek was mogelijk doordat Nederland gesteund werd door de absolute wereldmacht van de negentiende eeuw, Engeland. Hoewel Nederland genoeg winst kon halen uit Nederlands-Indië, ging Nederland toch deelnemen aan het modern imperialisme. De drijfveren hiervoor waren voornamelijk de persoonlijke eerzucht van koloniale officieren en bestuurders. Een andere belangrijke drijfveer was de angst voor buitenlandse inmenging.

Naarmate er steeds meer vrijbuiters in de Indonesisch archipel opdoken wilde Nederland duidelijk maken dat er met het gezag niet te spotten viel. Inheemse vorsten die zich te onafhankelijk gedroegen werden gestraft en er vonden "tuchtingsexpedities" plaats. Een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van de relaties tussen Nederland en hun kolonie, Nederlands-Indië is de Atjeh-oorlog. Door de opening van het Suez-kanaal werd de reis makkelijker en aantrekkelijker voor andere mogendheden. Een sterke uitbreiding van handelsverkeer en personenvervoer werd mogelijk Door de verlegging van de handelsroute ontstond er een politiek probleem. De route liep nu via het eiland Atjeh, dat piraterij bedreef. Nederland wilde de piraterij tegen gaan en Atjeh inlijven bij Indonesië om zo hun machtspositie in Nederlands-Indië te verstevigen. Net toen Nederland dacht dat ze Atjeh onder controle hadden werden ze onverwacht overvallen en de Nederlandse troepen vluchtten met een achterlating van 97 doden. Dit zorgde voor een ommekeer in de publieke opinie. Overal klonk de roep om wraak en vanuit heel Nederland boden vrijwilligers zich aan voor uitzending naar Lombok. Het bleek niet nodig. Het KNIL maakte korte metten met de bevolking van Atjeh en er vielen ruim tweeduizend doden. Uiteindelijk leidden dit allemaal tot een oorlog die 21 jaar duurde en vele slachtoffers kostten.

Door de invoering van de Agrarische Wet, rond 1870, ontstond er ruimte voor particulier initiatief. Dit zorgde voor een economische vooruitgang. In 1880 viel de economische groei terug, maar rond 1900 kwam de groei weer op gang. Deze groei was indrukwekkend. De economie werd meer gericht op de wereld dan op Nederland en dit had gunstige gevolgen. De infrastructuur werd verbeterd, er kwamen verharde wegen en spoorlijnen. Ook verbindingen met de rest van de wereld werden beter. Na de opening van het Suez-kanaal, uitvindingen van telegraaf en de doorbraak van de stoomscheepvaart, brachten vliegtuig en elektriciteit nieuwe doorbraken. Niet alleen Nederlandse ondernemers maakten van deze nieuwe technieken gebruikt, maar ook de Indonesische boeren en handelaren.

Door al deze veranderingen veranderde er heel wat in de onderlinge relaties. De meeste mensen van de Indonesische bevolking werden op de sociale ladder gedegradeerd tot afhankelijke loonarbeider. En er was niets wat ze hier tegen konden doen, ondanks het feit dat ze ook gebruik konden maken van verbeterde technieken. De kolonisten liepen met hun kennis nog veel verder voor op de lokale bevolking en wisten ook precies hoe ze die kennis konden toepassen. Een gevolg was dat de nieuwkomers uit Nederland zich minder snel aanpasten aan de lokale bevolking en de cultuur. Erg belangrijk was ook dat er meer Nederlandse vrouwen meekwamen die zich hevig verzetten tegen de mengcultuur. De kolonisten begonnen zich steeds meer te onderscheiden van de autochtone bevolking.
De werkers op de plantages (koelies) werden slecht behandeld. Ze werden afgeranseld en de plantagehouders lieten hun lang, zwaar werk doen. De plantagehouders zagen de koelies als hun minderen, een soort slaven. De koelies hadden geen toegang tot medische zorg en leefden primitief.



Ethische Politiek
Van 1901 wordt de Ethische politiek afgekondigd. Deze vloeide voort uit de ereschuld, die Nederland meende te hebben ten op zichte van Indonesië. Nederlandse ambtenaren en ondernemers gedroegen zich erg hooghartig. Ze verwachtten dat de bevolking stilhield en hurkte, of aan de rand van de weg "loophurkend" voorbijging. "Irrigatie, emigratie, educatie" was de leus waarmee de Ethische politiek werd gevoerd. Deze politiek leverde een verbeterde infrastructuur en welvaart op, maar wat erg belangrijk was, was een grote verbetering van het onderwijs. Doordat onderwijs ook toegankelijk werd voor de inheemse bevolking ontstond er een kleine groep intellectuelen die het begrip "nationalisme" introduceerde aan de Indonesische bevolking.
De bedoeling van deze politiek was om Indonesië welvarender en zelfstandiger te maken, maar dat laatste is in feite niet gerealiseerd. Op den duur kregen de Indonesiërs wel wat meer inspraak, maar de inspraak en democratisering bleven beperkt tot provinciale en lokale niveau. De ambtelijke topfuncties bleven stevig in Nederlandse handen.

Het nationalisme begon te groeien onder de bevolking en zij begonnen steeds meer te streven naar onafhankelijkheid. Nederland zag het nationalisme opkomen en hun positie langzaam afnemen. Het radicalisme groeide. De Nederlandse onwil om de macht te delen leidde tot verbittering van de Indonesische nationalisten. De in 1912 opgerichte Indische partij eiste een onafhankelijk Indonesië en was hiermee de eerst groep die opkwam voor de hele bevolking van Indonesië. Het gouvernement vond de partij veel te radicaal en deze werd dan ook vrijwel direct verboden.


Om de onrust die ontstaan was te beteugelen werd er beloofd dat in november 1918 Indonesië eindelijk een eigen parlement en regering zouden krijgen. Toen deze belofte niet waargemaakt werd ontstonden er gewelddadige lokale opstanden tegen het Nederlandse gezag. Er werden partijen en clubs opgericht die zich verzetten tegen de Nederlandse overheersing.

In 1927 werden alle nationalistische partijen verboden en opstanden worden met de harde hand neergeslagen. Dit zorgde ervoor dat de spanningen steeds hoger opliepen. Hoewel de welvaart ten gunste kwam van de Indonesische bevolking hadden de spanningen en het nationalistische gevoel toch de overhand.


In de Tweede Wereldoorlog werd Nederland door Japan uit Indonesië verdreven en op 8 maart 1942 werd de onvoorwaardelijke overgave afgedwongen. In één klap werden alle Nederlandse tekenen van overheersing weggevaagd. Standbeelden werden afgebroken, het gebruik van Nederlandse taal werd verboden, plaatsnamen werden veranderd. Batavia ging Jakarta heten. Het nationalistische gevoel van de Indonesiërs werd hierdoor gestimuleerd. Het zelfbewustzijn werd verder gestimuleerd doordat zij een groot deel van de opengevallen economische en bestuurlijke functies overnamen. Alleen de hoge bestuursposten kwamen in Japanse handen. Toch was Indonesië onder Nederlands bewind beter af dan onder de Japanse bezetting, zoals de bevolking zelf zei: "de hond is vertokken, het varken is gekomen." Dit verduidelijkt dat er een algemene afkeer heerste tegenover buitenlandse bezetting.

Japan was niet van plan om Indonesië onafhankelijkheid te verlenen, omdat Indonesië te belangrijk was als leverancier van olie, rubber en rijst. Maar naarmate Japan tegen het einde van de oorlog verzwakte zag het zich gedwongen meer toezeggingen te doen. Uiteindelijk wordt Indonesië op 18 augustus 1945 onafhankelijk verklaard, maar Nederland weigerde te aanvaarden dat ze Indonesië niet langer in handen had. Dit maakte het moeilijk om een nieuwe relatie op te bouwen. De Nederlandse regering deed een poging vrede te sluiten met Indonesië en te onderhandelen over machts- en bestuursverdeling. Met in hun achterhoofd het idee, dat als ze Indonesië zouden verliezen ook haar aanzien kwijt zou zijn. Nieuw-Guinea had een aparte status en was het enige gebied waar Nederland nog soevereiniteit had. Dat Nederland dit niet gewoon wilde afstaan getuigde van een onverwerkt verleden. Als ze ook Nieuw-Guinea kwijt zouden raken, zouden ze het laatste beetje aanzien ook nog verliezen.

Indonesië pleegde een aantal keer verzet, maar Nederland dwong dit af met geweld. In 1956 brak er oorlog uit, want Indonesië wilde Nieuw-Guinea terug. De VS gaf geen steun aan Nederland en zij werd verplicht om op 1 oktober 1962 Indonesië over te dragen aan de VS. Op 1 mei 1963 werd het bestuur door de VS overgedragen aan Indonesië zelf.



Conclusie
Nederland heeft zichzelf uit Indonesië laten verdrijven als gevolg van het door hun gevoerde beleid.
Indonesië werd in het begin beschouwd als een kolonie die de Nederlandse schatkist moest vullen, maar op ten duur probeerde Nederland toch ook voor de Indonesische bevolking goede dingen tot stand te brengen. Verbeteren van infrastructuur, door aanleg van verharde wegen en spoorlijnen. Ook het onderwijs is tijdens het Nederlandse gezag enorm verbeterd. Indonesië had in die tijd niet zonder Nederland gekund, ook al waren ze hen liever kwijt dan rijk.

Het Nederlandse bestuur had misschien edele, nobele doelen, maar de mensen die de doelen moesten verwezenlijken waren meer uit op hun eigen belang. Veel van de kolonisten waren erg hooghartig en dachten dat ze ver boven de Indonesische bevolking stonden. Dit zorgden ervoor dat de Indonesische bevolking zich minderwaardig begon te voelen en dat de ontevredenheid langzaam begon te groeien.

Door het onderdrukken van het nationalisme en het verbieden van die partijen werd de enige manier om hun mening te uiten over de politiek en het beleid. Hierdoor kwamen stegen spanningen tot een climax, die zich onder andere uitten in gewelddadige opstanden.

Nederland heeft veel goeds gedaan voor Indonesië, wat in eerste instantie noodzakelijk was om hun eigen belangen te verwerkelijken. Toch heeft op sommige momenten het eigen belang te veel centraal gestaan en wilden ze te veel hun eigen zin doordrijven, desnoods met geweld. Ook al had Nederland een ander beleid gevoerd dan hadden zij hoogstwaarschijnlijk hun kolonie verloren, want kolonies behoren niet meer tot deze tijd. Modern imperialisme is "uit de mode".

Eigenlijk was Indonesië voor Nederland op het laatst een kwestie van eer. Ze haalde al lang geen winst meer uit de voormalige kolonie. Het behouden Nieuw-Guinea, het enige gebied wat ze nog "bezette", was alleen een erezaak. Bij het verliezen van de macht in deze kolonie hebben ze veel gezichtsverlies geleden en aanzien verloren.

Na 350 jaar bezetting van Nederland werd Nederlands-Indië eindelijk "het Indonesië", waar al jaren lang voor gestreden was.

tekst: rechten van Geschiedenis.nl

Ik hoop dat nu ook de andere kant wat duidelijker is voor de 3e en 4e generatie in NL zoals ik zelf.

Mijn familie woont nog in Indonesie en eren nog altijd onze nederlandse opa.
Ik bezoek altijd het ereveld Leuwigajah, ben mij bewust van de geschiedenis van indonesie, en nederland.
B.Booij26-08-2012 om 21:17
Vandaag van mijn oma Wijk te horen gekregen dat alle broetjes en zusjes van mijn opa. in die put zijn omgekomen. Heel bizar om dit te zien
Wil Peereland26-08-2012 om 10:42
Ik heb net deel 1+2 van de reportage"Archief van Tranen" bekeken want ik zat op Bali. De tranen staan me in mijn ogen. Dit moeten onze ouders,familie of bekenden hebben geweten en misschien wel hebben meegemaakt.

Heel indrukwekkend en je krijgt alleen maar meer respect hoe zij zich hier in Nederland hebben staande gehouden. Tussen twee werelden leven met zo veel leed en dan je kinderen een toekomst geven verdient een pluim die zijn weerga niet kent.

Dit is iets wat wij en zeker de onze kinderen en een ieder van Indisch bloed moet meegeven. Weet wat je ouders of voorouders hebben ervaren en behandel ze met groot respect maar dat hoef ik de getroffenen niet te vertellen.

Pia van der Molen en medewerkers! Bedankt! Jullie reportages zijn belangrijk voor de verwerking en geven antwoord op vele vragen!

Wil Peereland
R.T.van Duuren25-08-2012 om 23:53
Zo voelbaar om deze docu te zien.
Ben zelf 40 jaar oud en dochter van een vader die in deze tijd is opgegroeid.
Zij hebben het godzijdank overleefd dankzij mijn overgrootoma die volbloed was.
Zo heeft zij ze kunnen redden en verstoppen.
Zelf heb een ptss opgelopen door de angsten van mijn vader. Ze noemen dit 2de generatie kampsyndroom kinderen. Badend in het zweet werd hij in de nacht wakker en keek of wij kinderen nog wel adem haalden.Zie ook veel moeilijkheden bij vriendinnen van mij van indische afkomst om relatie's aan te gaan.
Het vertrouwen in mensen hebben onze ouders nooit aan ons door kunnen geven. Ze leefden niet meer maar waren bezig met overleven
ing.R.L.Mertens24-08-2012 om 18:09
De bersiap reeds in 1875 voorspeld;
"De laatste dag der Hollanders op Java"
door Sentot(legeraanvoerder in de Java oorlog)
-Zult gy nog langer ons vertrappen,
Uw hart vereelten door het geld,
En, doof voor de eisch van recht en rede,
De zachtheid tergen tot geweld?
-Dan zy de buffel ons ten voorbeeld,
Die sarrens moê,de hoornen wet,
Den wreeden dryver in de lucht werpt,
En met zyn lompen poot verplet.
-Dan schroeie de oorlogsvlam uw velden,
Dan roll' de wraak langs berg en dal,
Dan styg' de rook uit uw paleizen,
Dan trill' de lucht van 't moordgeschal.
-Dan zullen wy onzen ooren streelen,
Aan uwer vrouwen klaaggeschrei,
En staan,als juichende getuigen,
Om 't doodsbed van uw dwinglandy.
-Dan zullen wy uw kindren slachten,
En de onzen drenken met hun bloed,
Opdat der eeuwen schuld met rente,
Met woekerwinste word'vergoed.
-En als de zon in 't Westen neerdaalt,
Beneveld door den damp van 't bloed,
Ontvangt zy in het doodsgerochel,
De laatste Hollandsche afscheidsgroet.
-En als de nachtelyke sluier
De rookende aard heeft overdekt,
De jakhals de nog lauwe lyken
Dooreenwoelt,afknaagt,knabbelt,lekt...
-Dan voeren wy uw dochters henen,
En elke maagd wordt ons een boel,
Dan rusten wij aan haar blanke boezems
Van moordgetier en krygsgewoel.
-En als haar schand'zal zyn voltrokken,
Als wy ons hebben moê gekust,
Als elk tot walgens toe verzadigd,
Het hart van wraak,het lyf van lust...
-Dan tygen wy aan 't banketteeren,
En de eerste toast is; batig slot!
De tweede toast; aan Jezus Christus!
De laatste dronk; aan Neerlands God!
-En als de zon in 't oosten opdaagt,
Knielt elke Javaan voor Mohamed,
Wyl hy het zachste volk der aarde
Van Christenhonden heeft gered.-

Toen ook al zoveel haat.
Hr.J.C. de Kanter23-08-2012 om 14:00
L.S.
Na het zien van deze docu.heb ik het niet droog kunnen houden.Voor en tijdens de bersiap woonde ik met moeder in Surabajja samen met meerdere buitenkampers.Woonden dicht bij de dieren tuin.Kan om prive redenen
niet in detail de omstandigheden omschrijven.
De dreiging van de schreeuwende pemoeda's,dag en nacht en onze nachtelijke vlucht via de darmo naar goebeng (engelse militairen)was
onbeschrijvelijk angstig.Om niet op te vallen kropen wij door de greppels e.d.Wij zijn met een groot transport onder begeleiding van
gewapende pemoeda's(ENGELSE MILITAIREN NIET THUIS)naar de haven vervoerd!!!!Tijdens deze rit werden wuh begekeid door schreeuwende en dreigende pemoeda's,vooral toen wij de vernielde verbrande vrachtwagens passeerden van een eerder transport.Het was heel angstig en liet mijn plas lopen!Uitendelijk via het wilhelmina kamp te singapore mat de nieuw amsterdam naar nederland gekomen
Ik zou graag de docu. over jack de boer willen zien of kopen!!
Met vr. gr.
Carla Ellen Simons-Lutter23-08-2012 om 13:39
Schimmert, 23 augustus 2012

Met veel belangstelling en emotie heb ik de twee uitzendingen over de Bersiap-periode gezien.
Als "oorlogskind" (geb. 21-08-1942) heb ik de angst van mijn ouders, met name die van mijn moeder, opnieuw beleefd.
Nadat mijn moeder, met twee kleine kinderen,
het drie en een halfjaar durende Jappenkamp had overleefd, werd zij na de capitulatie herenigd met mijn vader, die ik - zijn dochter - toen voor het eerst in mijn leven zag.
Daarna begon de Bersiap-periode en werden wij opgejaagd en blootgesteld aan de gruweldaden van de zogenaamde Pemoeda's.
Karel, de broer van mijn vader werd, staande op wacht bij een vrouwenkamp, op gruwelijke wijze door Pemoeda's met talrijke messteken vermoord.

Wij werden opnieuw gevangen gezet in Malang en Surabaja.

Het lukte ons uiteindelijk om in maart 1947 met de m.s. Boissevain een veilig heenkomen te zoeken naar Nederland.
Wij gingen met zogenaamd Europees verlof en werden dus niet opgevangen zoals latere repatrianten.
De ontvangst in Nederland was letterlijk en figuurlijk koud en ongeïnteresseerd.

Mijn vader heeft van 1948 tot 1950 een moedige poging gedaan een nieuw bestaan op te bouwen in Indië. Mijn kordate moeder bleef met inmiddels 3 kleine kinderen achter in Amsterdam. Door de onhoudbaar gevaarlijke situatie werd mijn vader echter gedwongen om in 1950 definitief afscheid te nemen van zijn geboorteland.

In nederland heerste er echter veel onbegrip over de terugkeer van de repatrianten.
Als kostwinner moest mijn vader op zoek naar een baan die hij uiteindelijk - ver beneden zijn nivo - moest accepteren.
Hij stierf verbitterd en gedesillusioneerd
op 53-jarige leeftijd aan de kwalen die hij overhield aan zijn internering in de Jappen-kampen.

Mijn moeder - officieel erkend als oorlogslachtoffer - overleed in het verpleeghuis waar zij de laatste jaren van haar leven leed onder angstige waanvoorstellingen over Jappen en Pemoeda's.

Het behoeft geen betoog dat dit oorlogstrauma ook op mijn leven een groot stempel heeft gedrukt.


Recentelijk is er veel ophef geweest over schadevergoeding voor nabestaanden van RAWA GEDEH. Wordt het niet hoog tijd dat er mensen in de politiek opstaan om de groep Indische oorlogsslachtoffers in hun leed te erkennen en schadeloos te stellen voor het geleden verlies. Of wachten we nog langer totdat ze allemaal dood zijn !?

Tot slot mijn compliment voor de samenstellers en de presentatrice van het programma.

Mevr. Carla Simons-Lutter

T : 045-4041871
William Deymann23-08-2012 om 10:18
Beide afleveringen zijn een bijzonder monument. De camera heeft met de juiste afstand de verhalen en beelden vastgelegd. Zo heel dichtbij en toch zo ver weg. Dat vind ik knap, vooral omdat het zo'n indringend en emotioneel thema is. Mijn dank is groot.
Meer lezen over o.a. Victorine Deuning-Anthonio kan men hier : http://julieallebewijzen.blogspot.com/2012/08/1945-1949-bersiap-merdeka-revolusi.html
Denis Zirkzee22-08-2012 om 23:23
Ofschoon de gebeurtenissen die in deze documentaire worden beschreven en blootgelegd, verschrikkelijk zijn, ben ik toch erg blij om dit te kunnen zien, omdat het voor mij veel duidelijk maakt.

Mijn opa en zijn broer, beiden zijn eind jaren 70 overleden, toen ik nog te jong was om voldoende begrip te hebben, zijn destijds gevlucht uit Indonesië vanwege deze Bersiap, maar ik begrijp nu, mede door deze documentaire dat ze voldoende hebben meegemaakt hiervan, voordat ze konden ontkomen. Sommige verbanden kan ik nu leggen.

Beiden hebben gediend in de KNIL, mijn opa is in een Jappenkamp gevangen geweest en heeft daar martelingen ondergaan en is voor het leven beschadigd geweest, hetgeen zelfs op mij, via mijn moeder zijn weerslag heeft gehad en wellicht zelfs op mijn kinderen. Zo lang dreunt dat door!
Mijn opa en zijn broer waren Indonesiërs, maar hadden zich ingespannen voor de Nederlanders en hadden daardoor in feite hun doodvonnis getekend.

Ik heb wel een aantal dingen gehoord uit die tijd, maar veel werd er niet over gesproken en zeker niet met mij als kleine jongen. Nu is er niemand meer in leven die iets zou kunnen vertellen, deze documentaire geeft nu toch een goed beeld, van een deel van wat mijn opa en zijn broer hebben meegemaakt.
Zij zijn er wel levend vanaf gekomen, waar zovelen zijn vermoord.

Jammer dat de focus zo lang heeft gelegen op wat in West Europa is gebeurd in die periode en dat alles wat zich in Indonesië afspeelde lang "vergeten" is geweest en soms zelfs miskent.

Nogmaals: goed dat deze documentaire is gemaakt, zo kan iedereen zien wat een dal van tranen het is geweest.
Jody Cath22-08-2012 om 22:31
Ook mijn familie heeft de Bersiaptijd meegemaakt. Mijn oma is met haar drie kinderen van het Jappenkamp naar een Bersiapkamp gegaan met een trein. Zij werd gewaarschuwd door een Javaanse vrouw om een trein later te gaan, ze heeft geluisterd. De trein bleek later overvallen te zijn door de Indonesiërs, vele doden. Er werd weinig over die periode gesproken in de familie, mijn vader had nachtmerries. Ik ben erg geïnteresseerd in alles over die tijd. Ik heb me verdiept in de familiegeschiedenis. De Jap zei: "wij hebben de oorlog verloren, maar jullie zullen de gevolgen voelen tot aan de vierde generatie" Helaas is dit de waarheid.
Marcel Robbers22-08-2012 om 20:42
Helaas heb ik de uitzending niet gezien. Mijn nichtje attendeerde mij daarop en had het op FaceBook gezet. Als kind heb ik de capitulatie van de Jap meegekregen mijn vader kwam vrij uit het interneringskamp in Salatiga. De bevrijding werd ook voor ons een hel de vorige dag dat je met de kebon in de moestuin had gewerkt werd de volgende ochtend wreed verstoord. Hij stond met nog meerdere jonge mannen, rode doek om het hoofd en bewapend met een bambu runtjing al roepende "merdekka en matti, matti". Wij mijn tante en dochter Ilse, mijn oma en haar dochter, Fien en de drie kleinkinderen Marcel, Joyce en Rene, oma Loes en haar minder valide zoon Dik werden afgevoerd naar het dorpscentrum van nGablak, waar wij met andere families verzameld werden in het huis van oma Weber. Mijn oom was ook voorganger van een Pinkster Gemeente in die plaats en was onze geestelijke leider.Wij moesten ons stil houden, want de pemoeda was ook bevreesd voor luchtaanvallen van de Air Force. Mijn broertje was in tegenstelling met ons een blank kind met witte haren en telkens als wij vliegtuigen hoorden stuurde oom Dik ons naar buiten en moesten wij Rene hoog houden in de hoop dat de piloot aan zijn haren zou herkennen dat hier hollanders zaten. Kort daarop werden wij meestal in de nacht afgevoerd van de ene locatie naar de ander. Sliepen buiten in de toko's, die hoe smerig zij ook waren toch enig bescherming gaven. Dan werden wij in een huis opgesloten, angstig wachtend wat er komen zou, dan werden een paar vrouwen aangewezen, waaronde ook mijn tantes en naar buiten gedirigeerd. Stil werd door de overigen gebeden dan kwamen een paar pemuda's binnen, met van de jap gestolen laarzen aan en een pistool bungelend aan hun gordel of met een mitrailleur, keken ons kwaad aan en verlieten met dreunende stappen de kamer.
Komen de vrouwen met betraande ogen weer terug, zij moesten buiten een graf graven, die open bleef voor hoelang, dat wisten wij niet. Maar iedereen wachtte in spanning af, wanneer gaat het gebeuren als kind voelden wij ons veilig bij de ouderen, maar door hun angst werd het ons toch ook angstig te moede. Hoe omschrijf je dat, je hebt geen weet waar het omgaat, steeds het gebrul merdekka, merdekka en dood aan de blanken.
Iedreen moest naar buiten, daar stonden een paar vrachtwagens en met deze werden wij afgevoerd waarheen wisten wij niet. Wij kwamen in een omheinde ruimte met hier en daar verspreide gebouwen. Bij een groot gebouw stopte de vrachtauto en wij moesten het gebouw in. Wij hoorden later dat wij in een kamp vann Pa van der Steur waren het gebouw waar wij terecht kwamen was een loods voor leerbewerking want overal vonden wij stukjes leer in verschillende kleuren. In een kamer naast de ruimte waar wij waren lagen lijken op baren. Bij verstoppertje was dat de beste plek. Verhalen over gruwelijke daden hebben wij gehoord over het doden en verminken van slachtoffers. Dat vrouwen in verwachting de buiken werden opengesneden. Dit kamp heette Metessek in Magelang. Hier brachten wij de dagen door,hongerlijdend, je moct het kamp niet af omdat wij nog te jong waren om corvee werkzaamheden te doen werden deze over-gelaten aan de wat oudere kinderen. Die zo buiten konden komen en wat eten konden kopen.Een van hen was Bob Giesse, als volwassene heb ik hem leren kennen bij de Bijzondere Bijstands Eenheid, hij als marinier en ik als cavalerist, maar indo's trekken zo wie zo altijd naar elkaar. Hij was teruggekeerd naar Magelang en heeft het kamp terug gevonden. De reis heeft hem goed gedaan en hij adviseerde mij, je moet echt gaan het zal je goed doen.
Im was 70 toen ik terugging naar het land van mijn roots alleen het kamp kon ik niet terugvinden. Ik moest N van een spoor zijn, maar zocht het ten Zuiden. Wij werden wederom afgevoerd over het spoor liepen wij naar het station (Magelang) en werden naar een vliegveld vervoerd. Daar vlogen wij met een dakota, zonder deur, heel laag over de sawahs naar Semarang. Mijn vader en moeder waren na zijn vrijlating op zoek naar woonruimte. Hij vond bij een engelse eenheid werk als chauffeur/tolk en dat was de reden waarom mijn moeder niet bij ons was en de zorg over ons aan oma liet. Mijn vader werkte inmiddels als politieagent bij de Alg. Politie. Deze deed ook veldwerk patrouille rijden, posten bezetten en viel ook regelmayig in een hinderlaag. Maar heeft ons nooit kunnen vinden. In Semarang werden wij met onze ouders herenigd. Persoonlijk heb ik de gruweldaden niet meegemaakt. Als volwassene zie ik, dat het Gods genade is geweest.
Yola Geldtmeijer22-08-2012 om 10:08
WEDEROM CHAPEAU

een latere reactie na het uitzenden van de 2e documentaire, omdat ik na het zien van deze uitzending weer badend in het zweet wakker werd uit een verschrikelijke nachtmerrie. Wederom maar toch wilde ik deze uitzending niet missen. En heb enorm veel respect voor Uw documentaire. Ook omdat U ondanks toch nog de angst van de mensen daar de waarheid naar boven wist te halen.

Misschien is het voor U en omroep Max een nieuw item om ook eens een documentaire te maken over de gevolgen van de atoomstraling nadat de atoombom op Nagasaki viel.
Mijn vader en met hem vele anderen zaten daar. Onwetend van de atoomstraling hebben zij dezelfde middag nog de slachtoffers geholpen en lijken opgeruimd.
Mijn vader heeft slechts op een klein gedeelte van zijn hart geleefd de rest was dood maar ingekapseld.
Ook ik heb hiervan fysiek veel opgelopen. Soms verklaarbaar en soms onverklaarbaar.
Wanneer ik dit te berde breng bij mijn specialisten halen ze de schouders op met de boodschap tja dat weet ik eigenlijk niet.
Ook mijn dochter heeft afwijkingen vanaf de geboorte waar men pas na 24 jaar achter kwam.
Mijn broers zijn op de jongste na ook ziek. Pas na 3 jaar kwam men erachter dat mijn broer het aan zijn hart had en niet dat het aan zijn longen lag. Hij zou 3 bypasses krijgen het werden er 6 men had niet gezien dat aan de achterkant nog meer schade was.
Mij hebben de artsen vanaf mijn 13 de jaar tot 30 ste laten lopen met buikpijnen zo erg dat ik mijn hoofd tegen de muur gooide om maar flauw te vallen.
Uiteindelijk na 17 jaar kwam er een tumor uit mijn buik die tentakels had waardoor mijn vitale organen beschadigd werden.

Het is bekend dat veel mensen die daar zaten geen last van de straling hadden. Of niet weten dat hun mankementen wel eens daarvandaan zouden kunnen komen.

En er zijn mensen zoals medegevangenen van mijn vader aan leukemie zijn overleden. Hoop dat hier ondanks al het leed wat al te berde is gebracht toch nog aandacht aan besteed kan worden.

Met heel veel dank voor de reeds uitgezonden documentaires.

Yola Geldtmeijer
Jeannette Laarhoven - van Ee21-08-2012 om 22:06
Geachte mevrouw van der Molen en meneer Praal,

Mijn overgrootoma is Kitty van der Linden. 'kleine omaatje' noemden we haar. Ik herinner mij niet veel van haar behalve de spekkoek die zij altijd klaar had staan en het chocolade zeebanket wat ze altijd voor mij kocht. Maar dat was alleen voor mij en NIET voor mijn ouders.
Het lezen van het dossier maakte al veel emoties los, maar de uitzending van afgelopen zondag nog meer.
De beelden van het pad dat ze gelopen hebben, de brug waar het allemaal gebeurt is en waar ze uiteindelijk naartoe is gegaan en hulp heeft gekregen.
Bedankt voor het maken van deze documentaire over dit verhaal en alle andere verhalen die verteld moesten worden.

Met vriendelijke groet,

Jeannette Laarhoven - van Ee
Dochter van Carla van Ee - van Aperlo
Leo tho Neijenhuijs21-08-2012 om 18:08
Bedankt Pia en Omroep MAX voor de moed tot het uitzenden over de moorddadige Bersiapperiode. Weer kwamen de beelden en de gevoelens van wanhoop en doodsangst bij mij terug en vooral het gegil en het krijsen van diegeen die in onze trein, waarin wij vervoerd werden toen wij eindelijk uit het Jappenkamp weg mochten, bij een aanval van de pemoeda's afgeslacht werden. Een Japanse bewaker redde ons leven en gebruikte zijn bajonet op zijn geweer toen de moordbendes onze coupe trachtten binnen te komen. Tot en met augustus 1946 nog een tweetal aanvallen overleefd, hierna naar Holland vertrokken.
Na het zien van de beide uitzendingen overweldigde mij het verdriet en ontstond in mij een zee van tranen. Mijn echtgenote wiegde mij een half uur in haar armen en liet zo de de Zee van Verdriet weer opdrogen.
Het journaille in Nederland laat nauwelijks iets over deze periode horen omdat zij ons zien als een lastig overblijfsel uit de koloniale periode, die zij het liefst uit het collectieve geheugen van Nederland willen schrappen. De sensatiedrift schijnt voor hen veel belangrijker te zijn en wij zijn allang geen nieuws meer voor hen. Naarstig zocht ik b.v. de berichtgeving over de indrukwekkende Indië- herdenking (die ik als genodigde bij mocht wonen) van j.l. 15 augustus in de Volkskrant na. Geen woord, geen sylabe, geen foto helemaal NIETS. Wat voor hen geldt is de volgende stelling: "De quadratuur van een cirkel berust op een onmogelijkheid, nochthans belichamen sommige mensen hier de mogelijkheid van; het zijn nullen in hetvierkant".
Marty en Ed Vermeulen21-08-2012 om 17:24
Goedemiddag mevrouw van der Molen

Onze oprechte waardering voor uw prachtige, boeiende en vooral ontroerende documentaire Archief van tranen. Een titel die de lading meer dan dekt.
Wat een tijd, wat een wereld en vooral ook wat een verdriet.

Beide afleveringen waren indrukwekkend. Het tweede deel kwam door het verhaal van de familie van der Linden, en de door ons gekende Wim van Aperlo, nog dichter bij.
Moslimextremisme, bestond het woord toen al?

Wij hebben tijdens het bekijken van de documentaire vastgesteld dat iedere familie uit het voormalige Nederlands Indië van die jaren zijn of haar eigen Archief van tranen met zich meedraagt.

U heeft iets moois neergezet. Integer gefilmd en gesproken en ook heel mooi gemonteerd.

Met vriendelijke groet en veel respect

Marty en Ed Vermeulen
Johan Rijkee21-08-2012 om 17:08
Een heel goed programma over de Bersiap.
Zelf heb ik met mijn family tijdens de Bersiap de moordpartij in Kamp 8 Ambarawa op 22-11-1945 overleefd. (Zie Parool 30-12-1945)
Ik koester echter geen haat tegen de Indonesiers.
De toenmalige incompetente kabinetten waren voor 100 % verantwoordelijk voor de chaos.

Als in de beroemde "Zeven December Rede" duidelijk was aangegeven dat Indonesie onafhankelijk zou worden was er niets gebeurd (Uitgesproken op 7-12-1942)

De Britten en de Amerikanen (Philipijnen) hebben die toezegging voor hun kolonies wel gedaan.

Verder waren er dan 70 miljoen Indonesiers aan geallieerde kant gekomen.

Bij aankomst in Nederland kregen de kampkinderen een persoonlijk schrijven van Wilhelmina waaruit een buitenstaander kon opmaken dat het best meeviel in het Japanse "vakantiekamp". Mijn vader was razend toen hij deze brief las.

Persoonlijk heb ik het genoegen dat mijn ervaringen in de Jappenkampen (incl. Bersiap) door de BBC zijn geaccepteerd voor het grote 
"WW2 PEOPLES WAR" bestand.
Dit bestand is overgedragen aan de British Library en voor eeuwig beschikbaar voor studie dooleinden.
J. Bernet21-08-2012 om 14:09
ARCHIEF van Tranen.

Chapeau

Voor de maakster van de twee documentaires over een trieste onderbelichte periode en de omroep die het aandurfde deze docu's op prime-time uit te zenden.
Het is een schandaal dat de "Inlandse" bevolking van Nederland door geheimhouding van de rapporten hiervan nooit op de hoogte gebracht is.
Door de getoonde wreedheden van Indonesische zijde is de werkwijze van de Nederlandse troepen, niet goed te praten, maar wel te verklaren; actie is immers reactie!
De zichzelf benoemde Indonesische leiders hebben met opzwepende toespraken de opstandelingen in wezen een vrijbrief gegeven voor de moordpartijen.
Onder de omstandigheden, die toen bestonden; geen bestuur, geen rechtbanken, geen reguliere politie en groot acuut gevaar voor Nederlandse onderdanen, was waarschijnlijk snelrecht, gebaseerd op lokaal verkregen inlichtingen, het enige middel waarmee rust min of meer hersteld kon worden in, de toen nog steeds, Nederlandse kolonie en kon enig respect teruggewonnen worden in de ogen van de welwillenden onder de lokale bevolking.
Militairen van zowel het KNIL als van de KL hebben naar eer en geweten, werderom volgens de toenmalige in zichten, gehandeld en verdienen alle lof hiervoor, inplaats van nu enigzins als "misdadigers" bestempeld te worden.
De ware verantwoordelijken waren de toen aan de macht zijnde politici, die heel snel de oren lieten hangen naar de VN enz.
Het is jammer, dat de Nederlandse regering door het erkennen van 1945 als het Indonesische vrijheidsjaar, was immers 1949, alle (volgens zeggen meer dan 20.000) gevallenen onder de Nederlandse driekleur in deze bersiap-periode min of meer verkocht heeft.
Inplaats van altijd de negatieve kanten te belichten, zou Nederland trots moeten uitstralen; een mini landje, dat in het koloniale tijdperk zo'n groot land kon besturen, tot bloei kon brengen en er veel rijkdom mee kon vergaren tot jaloezie van de grotere europese koloniale machten.
Herstel de betrokkenen in ere, betaal de achterstallige lonen (NB: wel met rente) en trek een dikke streep onder het - in de context van die tijd - glorieus verleden!
marianne meester21-08-2012 om 10:14
Ingezonden reaktie van Jan de Jong gelezen ,
informatief en moedig , durft alle zijden te belichten en lees het vooral , het maakt deze documentaire nog vollediger .
G Saffrie21-08-2012 om 01:02
Hartelijk dank voor deze reportage !

Mijn overgrootvader heeft aan de spoorlijn birma drie jaren moeten werken van de jappen , oma zat in een interneringskamp .
In Nederland zeiden ze niet zoveel , toch weet ik dat ze veel hadden meegemaakt maar dit ?

Nee dat wist ik niet ik heb zeer geemotioneerd gekeken ,bedankt ik begrijp nu zoveel meer .

Maar ik vraag me een ding echt af zijn die mensen ooit bestraft mevrouw of lopen die gewoon op vrije voeten ?

Vreselijk wat hebben die mensen geleden , schandalig dat mensen werden geslacht als beesten , weerloze mensen ik kijk nu wel met andere ogen naar zaken.

Dankuwel ik heb groot respect voor u
A. Theunisse20-08-2012 om 21:45
Naar aanleiding van de twee afleveringen van Archief van Tranen vraag ik mij opnieuw af of er ook dossiers en verklaringen beschikbaar zijn van Indische Europeanen die zijn gefusilleerd in Nederlands-Indië tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Japanners.

Mijn overgrootvader S.J.H. van Blommestein is op 15 augustus 1943 gevangen genomen door de Japanners in Surabaya, gemarteld en vermoord. Hij is volgens een getuige van het Rode Kruis terecht gekomen in een massagraf in Surabaya.

Wij vragen ons als nabestaanden af of toen ook is vastgelegd wat er gebeurd is en of dit massagraf nog bestaat, of dat hij misschien ook begraven zou kunnen zijn op Kembang Kuning.
Graag kom ik in contact met personen die hier meer over weten.
Theo Daems20-08-2012 om 19:59
Zoals eerder door mij gemeld wil ik Omroep MAX nogmaals mijn grote waardering uitspreken voor de uitzending Archief van tranen. Maar ik heb een vraag: Kan deze aangrijpende decumentaire niet van Indonesische ondertiteling worden voorzien en worden aangeboden aan Indonesië (regering en/of omroep)? Ik ben dan wel reuze benieuwd of er van die zijde een reactie komt. En hoe reageerd "Den Haag" op de uitzending? Omroep MAX wilt u dat ons laten weten svp?
1 2  
 
 
Copyright © 2017 Pia Media B.V.